Taalvoutjes – Tabee, coryfee

Taalvoutjes 2017

De oprichtsters van Taalvoutjes, Inger Hollebeek en Vellah Bogle, zien zich geconfronteerd met het potentieel beste jongetje van de klas op de voorste rij.

door Dian van Gelder | Foto’s © Ella Elisabeth

Op de avond van 16 december zou het Groot Dictee der Nederlandse Taal uitgezonden zijn. Precies op deze avond organiseerde Taalvoutjes het eerste dictee. “We gaan het even helemaal anders doen!” De lezers  van dit verslag worden tevens uitgenodigd hun visie op de dicteeontwikkelingen te geven.

Dicteeavond
De presentatie van de avond was in handen van stand-upcomedian Tom Lash. Het dictee was geschreven door spellingexpert Wouter van Wingerden. Aangezien hij op hetzelfde moment als jurylid in Utrecht optrad, was hij fysiek niet aanwezig in Amsterdam. Later op de avond echter wel in de vorm van filmpjes met uitleg bij de uitwerking van het dictee. De twee oprichtsters van Taalvoutjes Vellah Bogle en Inger Hollebeek lazen het dictee voor. Zij verdienen een compliment voor de wijze van voorlezen en de wijze waarop zij reageerden op vragen om bepaalde gedeelten te herhalen. Twee vervaarlijk uitziende surveillanten zagen toe op een faire competitie. Het is nog maar de vraag in hoeverre hun nog te ontvangen controlerapport nog van invloed kan zijn op de einduitslag.

Taalvoutjes 2017

De twijfel slaat toe bij een deelneemster aan het dictee.

Het dictee
Het dictee op de Taalvoutjesmanier: in het teken van het afscheid van het Groot Dictee en tevens moderner, informeler en humoristischer. Dit laat onverlet dat in de eerste zin de przewalskipaarden kwamen binnenstappen en de tseetseevliegen kwamen aangevlogen. Moderner door woorden die vooruitlopen op toevoeging in de Dikke Van Dale, zoals geïnstaad (instaën; vergelijk instagrammen) en gesnapt (snappen; vergelijk snapchatten). Vermelding zou in de onlineversie toch mogelijk moeten zijn. Het woord Parijs in een Parijs 3 Michelinsterrenrestaurant (of drie-Michelinsterrenrestaurant) wordt gebruikt als bijvoeglijk naamwoord en dus zijn de regels voor de bezits-s niet van toepassing.

Taalvoutjes 2017

Het Vossius Gymnasium had gezorgd voor authentieke, strenge surveillanten.

Andrés, Janny’s en Robèrts sidekick leverde de nodige misbaksels. Het los dan wel aaneenschrijven zorgde voor hoofdbrekens bij zich tegoed doet, dan wel en het er … van afbrengen. Het woord millennials is toch veel eenvoudiger dan dat je je moet vergewissen van het juiste gebruik van weglatings- en koppeltekens in jarentachtig- of –negentigkinderen of jaren 80- of 90-kinderen of jaren 80- of -90-kinderen, waarbij er dus zelfs dus drie mogelijkheden zijn om deze woordgroep op de juiste wijze te schrijven. De Green Happinesschickies zijn nog onvoldoende ingeburgerd, dus met hoofdletters. Net zoals bij de introductie zorgden ook hier de iPhone X’s voor chaotische taferelen.

De ayahuascaceremoniën lieten hun geestverruimende werking niet onbetuigd.

Taalvoutjes 2017

Het erepodium: Jeroen van Heemskerck Düker (3), Bert Jansen (1) en Annemarie Braakman (2).

Prijzen
De prijzen gingen naar het sterrenspecialistentrio: Bert Jansen (11 fout), Annemarie Braakman-Ven (13 fout) en Jeroen van Heemkerck Düker (14 fout). Voor Rein Leentfaar was het dit keer: tabee, trofee! Bij de prijsuitreiking kwam het przewalskipaard opnieuw opdraven. Dat was voor diegene die zich vergaloppeerd had en zo de Przewalskiprijs voor het meest originele dicteewoord ‘eyephone’ ontving.

Wandschildering
Dan nu nog even iets van geheel andere orde. De wandschildering boven het podium intrigeerde mij. Dus besloot ik de betekenis van de wandschildering op te vragen. Mijn dank aan Ingrid Tieri van het Vossius Gymnasium voor het document: Amstelodanum 82 (1995), Richter Roegholt: “De laatste school van Nico Lansdorp: het Vossiusgymnasium.” In onderstaande passage de beschrijving en betekenis van de wandschildering. Aan de lezers van dit verslag de vraag om gelijkenissen en verschillen tussen dicteeontwikkelingen en de wandschildering te benoemen!

Taalvoutjes 2017

De wandschildering in de aula van het Vossius Gymnasium. (foto: Dian van Gelder)

“In de aula heeft Leo Visser (1880–1950), een bekend tekenaar, schilder en lithograaf, boven het podium een wandschildering aangebracht, die een scène voorstelt uit de strijd tussen de Grieken en Trojanen uit de Ilias van Homerus. Links liggen de holle schepen van de Grieken, rechts verheffen zich de transen van het ommuurde Troje. Van beide kanten trekken tweewielige strijdwagens op. Centraal staat een boom, waartegen een bruine gestalte leunt, de schim van Patroclus en aan weerskanten staan twee lanszwaaiende krijgers, Hektor en Achilles. Op de Trojaanse strijdwagen staat een zekere Alexandros, waarmee Paris wordt bedoeld. In de boom zitten twee vervaarlijke roofvogels, Athene, die de Grieken steunde en Apollo, die uit haat tegen de Grieken de partij van Troje koos. Patroclus bezoekt zijn boezemvriend Achilles en wekt hem op zijn wrok te laten varen en zijn volk te komen helpen: ‘Zo’n wrok als jij koestert, ik hoop niet dat die mij ooit te pakken krijgt, jij ongeluksheld! Wat zal een ander, wat zal het nageslacht aan jou hebben, als je nu de Grieken niet voor de ondergang behoedt!’ Vergeleken bij het mozaïek en het glas-in-loodraam is deze wandschildering veel moderner met een knipoog gestileerd heroïsch.”

Fake news uit Gent

Gent 2017

Café Hotsy Totsy in afwachting van de dicteeschrijvers.

door Bert Jansen

Gent heeft enige tijd geleden een nieuw zogeheten Verkeerscirculatieplan geïntroduceerd, dat beoogt de binnenstad leefbaarder te maken en de veiligheid van fietser en voetganger te vergroten. Prijzenswaard! Maar er is ook een – waarschijnlijk onbedoelde – keerzijde aan deze gulden medaille: dicteenomaden weten café Hotsy Totsy niet meer te bereiken. Dat causaal verband tussen de verkeersbelemmerende maatregelen en de opkomst bij Het Klein Dictee is natuurlijk niet met zekerheid vast te stellen, maar feit blijft dat de belangstelling buitengewoon pover was: niet meer dan pakweg twintig personen, een derde minder dan bij de vorige editie, hadden de weg naar de Gentse staminee weten te vinden. Zelfs de usual suspects, zoals daar zijn Christiane Adams, Birgit Kuppens, Trui Gonnissen en de Zottegemse tweeling Elsie en Leen Ribbens, ontbraken op het appel. Ikzelf liet, op weg naar Hotsy Totsy, mijn navigatiesysteem prevaleren boven de verbodsborden. De eerste GAS-boete van 55 euro is inmiddels bezorgd, maar ik verwacht er nog wel meer …

Dat roept de vraag op: was het de moeite waard? Een volmondig ‘ja’ is daarop mijn antwoord! In de middag vergaapte ik mij in het MSK (Museum voor de Schone Kunsten) aan de overweldigende kunst en de restauratie van de aanbidding van het Lam, het centrale deel van de polyptiek van de gebroeders Van Eyck, die al meer dan een half millennium de Sint-Baafskapitaal siert. In de vooravond pleisterde ik aan de mooiste lei van de hele wereld: domweg gelukkig aan de Korenlei.

Gent 2017

Herman Killens (links) en Frans Van Besien ontvangen hun prijzen uit handen van Jan De Lille.

Gents halfuurtje
Toen ik café Hotsy Totsy om kwart voor acht binnenstapte, zat er nog maar een handjevol dicteeadepten. Om acht uur was de start van het dictee voorzien; geheel volgens de traditie echter respecteerde men ook dit jaar een ‘Gents halfuurtje’. Maar kort na halfnegen opende Philippe Marmenout, de voorzitter van het dichterscollectief De Wolven van La Mancha, dan toch het bal. Hij schetste het geprogrammeerde verloop van de avond en stelde de man voor die aangezocht was om het dictee te declameren: Rudy Coddens, schepen en voorzitter OCMW én kandidaat-burgemeester van de stad van Jacob van Artevelde. Het kan niet ontkend worden: Rudy deed zijn best, maar het ruime palet aan exotische instinkers stelde de, overigens niet voor een kleintje vervaarde aspirant-burgemeester, af en toe voor onoverkomelijke uitspraakproblemen. Maar allee, wie zou er zijn tong níét breken over uitheemse woorden als za’atar, Cauchies en caravaggisme?

Al direct na die eerste lezing was het duidelijk dat de Wolven van La Mancha er weer in geslaagd waren een verbaal mijnenveld te leggen waaruit niet alleen de argeloze dilettant, maar ook de door de wol geverfde dicteetijger niet zonder kleerscheuren kon ontsnappen.
Het dictee met de titel ‘Niets dan de waarheid’ behandelde een actueel onderwerp: fake news.  Alleen dát woord al leidde bij menigeen tot gefronste wenkbrauwen: is het al goed ingeburgerd en moet het dus aaneen of is het een gelegenheidsontlening en moet het dus los? Het kwam welgeteld driemaal in het dictee voor en bij een verkeerde keuze zou dat – de van-dik-hout-zaagt-men-plankencorrectiemethode van de Wolven kennende – al meteen tot drie strafpunten kunnen leiden.
Wie overigens mocht denken dat het fenomeen nepnieuws van Amerikaanse bodem en recente datum is, weet na dit Gents dictee wel beter: ook in de no-goarea Homs en in de tijd van de Zeven Provinciën, ja zelfs in de oudheid werd de goegemeente al bewust op het verkeerde been gezet. En niet alleen smombies en naïevelingen zijn er het slachtoffer van, ook de online-ingezondenbrievenschrijvers, zoveel werd wel duidelijk. De vraag werd geponeerd of fake news de ondergang van het avondland inluidde, maar die was retorisch bedoeld; een antwoord werd in ieder geval niet gegeven.

Gent 2017

Het beruchte correctieteam in Gent.

Menistenleugentjes
Na de integrale lezing zat Coddens’ taak erop. Hij groette vriendelijk en poetste de plaat, waarna het de beurt was aan de schrijver van het dictee, Peter Catrie. In een goed tempo en duidelijk, zonder tot spellinguitspraak te vervallen, las hij het dictee in hapklare brokken voor. Nochtans vormt de Vlaamse tongval voor het Noord-Nederlandse oor toch altijd een extra handicap. In ieder geval voor uw verslaggever. In de zinsnede: ‘… ik spreek niet over menistenleugentjes ofte leugentjes om bestwil’ zou bij Nederlandse lezing vermoedelijk niet: ‘… of de leugentjes om bestwil’ op mijn papier verschenen zijn. Overigens vind ik het gebruik van ofte hier dubieus; dit voegwoord wordt normaliter alleen nog in de verbinding nooit ofte nimmer gebruikt. Felix Heyman tekende protest aan tegen de zijns inziens te radde lezing van Catrie, maar zijn verzoek om de zoveelste herhaling werd niet gehonoreerd. Terecht, dunkt mij; te vaak worden woorden en zinnen tot vervelens toe herhaald. Ook tempo is onderdeel van het dictee.

Gent 2017

Rein Leentfaar oreert tegen de organisatoren; achter hem houden de overige prijswinnaars zich kalm.

Dabben
In de eerste zin ging ik al meteen in de fout met dabben. Dit kan ik volledig op conto van een licht slijtend geheugen schrijven; minder dan een jaar geleden immers beeldden de scholieren bij het Soester Dictee uit hoe je moest dabben! Ik schreef ‘debben’, volgens het in dicteekringen algemeen geldende adagium: bij onbekendheid spel je fonologisch. Onbekendheid met het (Belgisch-Nederlandse!) woord nobiljons was aanleiding tot twee rode strepen. In de zin: ‘Nee, ik spreek over fake news waarmee sommige nobiljons uitpakken’ vatte ik nobiljons als lijdend voorwerp op; Ik schreef: ‘Nee, ik spreek over fake news waarmee sommigen nobillions uitpakken’.

Ook dit jaar zat er weer een flinke riedel eigennamen in het dictee. Verleden jaar waren het de (Rode) Duivels en de Azzurri, dit jaar Barça en Cauchie die mij als verklaard sporthater opbraken. Ik wil niet graag in het kamp van de linguïstische prinzipienreiters ingedeeld woorden, maar kan men écht in redelijkheid van de dicteeschrijver verwachten bekend te zijn met de bijnaam van een voetbalclub of met een kunstenaar-architect van het tweede garnituur die al meer dan zestig jaar de tuin op zijn buik heeft? En moet ik ook weten dat Het Liegebeest een tv-programma is? Ik heb niet eens een tv! Het gebruik van eigennamen in dictees is – naar mijn bescheiden mening – een algemeen probleem, maar het Gents dictee lijkt er patent op te hebben.

Byzantijns
Ook een paar discutabele kwesties wil ik hier niet onvermeld laten. Als het gaat over het achterelkaar concipiëren van malicieuze leugens kan mijns inziens ook een lans gebroken worden voor achter elkaar. Het gaat immers om een reeks en dan is ‘de ene leugen na de andere’ toch te verdedigen? En moet een Byzantijns complot dwingend verwijzen naar het oude Byzantium? Is in dit verband niet met evenveel kracht de betekenis slaafs, kruipend te verdedigen? En dat za’atar een kruidenmengsel is, weet ik nu door Wikipedia, maar in de gehomologeerde bronnen zoek ik het tevergeefs.  

Evidente fouten lijken mij: tiki-taka (vanwaar dat koppelteken?), avondland (hier wordt duidelijk gerefereerd aan de Occident; overigens kan ik geen context bedenken waarin onderkast te verdedigen is) en Octavanius (hier zal Octavianus bedoeld zijn).

Gent 2017

Herman Killens (2e), rodelantaarndrager Bob Claeys, Frans Van Besien (3e) en Rein Leentfaar (1e).

Peloton vol fouten
Het correctieteam nam ruim de tijd voor het zetten van de rode strepen, maar het ging dan ook niet om een gering aantal. Net als verleden jaar mocht – met 17 fouten – Frans Van Besien de derde prijs mee naar huis nemen. Herman Killens, twee jaar op rij goed voor goud, kon met 16 fouten geen kunstje uit zijn hoed toveren; hij moest in reizende Rein Leentfaar, die slechts 14 fouten maakte, zijn meerdere erkennen. Alle drie de winnaars gingen met een stapel boeken naar huis. Na de drie koplopers volgde het peloton: Frank Denys en ondergetekende (22), Raf Coppens (23) en hekkensluiter Felix Heyman (40).

Het was al na elven toen ik, op weg naar Philippine, Gent uitreed – opnieuw de verbodsborden negerend. Er was geen hond op straat, maar ik vrees dat de camera’s niet sliepen. Afwachten maar weer wat voor verrassingen de Vlaamse hermandad nog voor mij in petto heeft.

Zutphense flora en fauna in het Volkshuis

Zutphen 2017

Het Volkshuis aan de gezellige Zutphense Houtmarkt was propvol met dicteeliefhebbers.

door Bert Jansen  |  Foto’s: Patrick van Gemert, Zutphens Persbureau

De organisatie van het negende Groot Zutphens Dictee, gehouden op donderdag 16 november, was dit jaar weer in bekwame handen bij de Lionsclub Zutphen-Kattenhaven. Ook dit jaar was de tekst samengesteld door een viermanschap bestaande uit Michel Groothedde, Jody Hagenbeek, Fiona de Heus en Jaap Pott. Alleen de locatie was dit jaar anders: niet meer het vertrouwde Fort Bronsbergen, maar Het Volkshuis, een in Amsterdamseschoolstijl gebouwd pand in hartje Zutphen, was dit jaar de plaats van handeling. De opbrengst ging naar Het Vergeten Kind.

Flora en fauna
Toen Jeroen van Heemskerck Düker en uw djoeroetoelis om zeven uur ‘het oudste koffiehuis van Nederland’ (tussen voorzichtige aanhalingstekens, want ik neem het klakkeloos over van de site) betraden, was een aanzienlijk deel van de tafeltjes al bezet; een uur later, bij aanvang van het dictee, telde ik ruim vijftig deelnemers, bijna een verdubbeling vergeleken bij een jaar geleden. De organisatoren in Zutphen kunnen zich dus zonder van onbescheidenheid beticht te worden het brevet van vermogen opspelden.

Na een woord van welkom (en een vermaning: ‘duidelijk schrijven!’), uitgesproken door Jody, werd het dictee, met de titel Flora en fauna, integraal voorgelezen. Voor de declamatie ‘in stukjes’ had men dit jaar Martine Letterie weten te strikken. Het hoeft geen verbazing te wekken dat Martine Letterie – nomen est omen – als gelauwerd kinderboekenschrijfster met een indrukwekkende lijst titels op haar naam én oud-lerares Nederlands begiftigd is met een heldere dictie. Dat neemt niet weg dat zij wat moeite had het juiste tempo te vinden; verscheidene keren moesten opgejaagde dicteeschrijvers haar manen gas terug te nemen.

Zutphen 2017

Martine Letterie leest het dictee voor.

Heraldische leeuw
Ondanks die heldere dictie ontspoorden ten minste twee dicteetijgers al direct in de eerste zin, toen Martine las: ‘De heraldische, dubbelstaartige gouden leeuw, keelkleurig getongd en genageld, is Zutphens stadsmascotte.’ In plaats van heraldisch verscheen heroïsch op hun blaadje – hoewel de voorlezing, volgens de goede Zutphense traditie, verluchtigd werd met dia’s, en bij de eerste zin het stadswapen met de twee getongde leeuwen prominent in beeld kwam. Ook het keelkleurige kwam niet bij iedereen correct gespeld op papier; menige dicteeschrijver – vermoedelijk niet bekend met het heraldische vocabulaire – schreef hier kilkleurig. Ook bij de afwijkende betekenis van getongd had niet iedereen direct de juiste context in het oog. Bij een enkeling sloeg – denkend aan zoöfilie – zelfs de fantasie compleet op hol …

De samenstellers katapulteerden de dicteeschrijvers niet minder dan honderdduizend jaar (in letters!) terug in de tijd, toen de mammoet en de steppewisent de toendravlakten van Zutphen avant la lettre bevolkten. Twee zinnen later echter zaten ze plotsklaps in de zogenoemde zeventiende-eeuwse Stadsboomgaard, waar regio-eigen appel- en perenrassen geplant werden, waaronder de zeldzame jeanned’arcpeer – dermate zeldzaam, dat niemand onder het publiek zo’n peer ooit gegeten had, laat staan dat men wist hoe dit woord te spellen!
Even leek het erop dat de extinctie van de Falco peregrinus nabij was, maar een zucht van verlichting steeg op uit de zaal, toen duidelijk werd dat je deze roofvogels tegenwoordig weer van de lokale kerktorens steile duikvluchten kunt zien maken. Daar staat tegenover dat de eenstijlige meidoorns langs de N348 ten dode zijn opgeschreven; ze zouden te veel te lijden hebben gehad, maar waarvan, dat bleef voor de buitenpoorters verborgen.
Ook in de laatste zin was het weer een en al ecologische kommer en kwel: de eikenprocessierups rukt op en de bij wordt met uitsterven bedreigd door de destructieve varroamijt.

Zutphen 2017

Jaap Pott bespreekt het dictee.

Etymologische uitstapjes
Nadat de correctieploeg zich had teruggetrokken in het VVV-kantoor aan de overkant van de Markt, waar men ongestoord en onbespied het rode potlood kon hanteren, was het de beurt aan meester Pott om de voetangels en klemmen in het dictee van deskundig commentaar te voorzien. Hij vertelde daarbij niet alleen sec hoe de woorden gespeld moesten worden, maar maakte ter illustratie leerrijke etymologische uitstapjes. Zo legde hij uit dat overlijden ‘overgaan naar een andere wereld’ betekent. Dialectsprekers wéten of ze ei of ij moeten schrijven; de gestipte ij klinkt bij hen als een ie. Het woord ‘wierook’ komt dus van ‘gewijde rook’. Ook de wetenschappelijke naam van de slechtvalk (Falco peregrinus) werd historisch verklaard: de valk die over (‘per’) de akker (‘ager’) vliegt. Hetzelfde woord als pelgrim, de vreemdeling die van voorbij de akker (dus van ver) komt.

Ik ben ervan overtuigd dat dergelijke inkijkjes in de geschiedenis van woorden niet alleen een ondersteuning zijn in de spelling van woorden, maar ook de belangstelling voor taal aanwakkeren. Het is leuk om te weten hoe het mannetje mannequin werd. Net zoals het leuk is het verband te zien tussen het album, de albino en de albe. Het verdiept het inzicht in taal, cultuur, geschiedenis en spelling. De etymologie is immers een van de vier pijlers waarop wij onze spelling baseren.

Zutphen 2017

Dicteekoningin Marry Potjes (in het blauw) nam gewoontegetrouw de eerste prijs mee naar huis.

Discussie ongewenst
Applaus dus voor de onvolprezen dictee-exegeet. Eén punt van (opbouwende) kritiek wil ik niet verhelen. Ik vind het spijtig dat er in Zutphen geen ruimte is voor discussie. ‘Protest is toegestaan, maar morgen pas, dan ben ik er toch niet’, sprak de apodictische Pott. Jammer, want het ontnam mij de kans om en plein public te betogen waarom ‘stortten’ in de tweede zin (‘Ook geïnspireerd door Lions’ prestigieuze leeuwen stortten de dicteesamenstellers zich dit jaar op flora en fauna; bereid u voor op nog eens zeven zinnenprikkelende zinnen.’) ook als tegenwoordige tijd te verdedigen is (overigens zónder te willen tornen aan het prerogatief van de jury waar het het laatste woord betreft). Gelukkig strekt Potts machtige arm niet zo ver dat hij mij nu kan beletten op deze plaats vrije teugel te geven aan het verwoorden van mijn visie.

Ik zou dan willen zeggen dat er tussen ‘storten’ en ‘stortten’ geen verschil te horen is en dat je er daarom voor een goed begrip een werkwoord voor in de plaats moet zetten waarin je de tijd wél hoort, bijvoorbeeld ‘kiezen’. Dan krijg je de zin: ‘Ook geïnspireerd door Lions’ prestigieuze leeuwen kiezen de dicteesamenstellers dit jaar voor flora en fauna; bereid u voor op nog eens zeven zinnenprikkelende zinnen.’ Een prima zin waarin het zogenaamde praesens historicum aan de vertelling een levendig karakter geeft en de beschrijving min of meer in het heden doorwerkt. Ook Jeroen, toch geen taalkundig minus habens, twijfelde over de tijd van het werkwoord.

Een jeanned'arcpeer

Een jeanned’arcpeer

Toffe peer
De avond overziend, stel ik vast dat het in de eerste alinea al genoemde illustere viertal het publiek opnieuw een fraai verhaal met kop en staart waarin de oude Hanzestad aan de IJssel de hoofdrol speelde, heeft weten voor te schotelen. Voor iemand die nog geen hommel van een bij kan onderscheiden, zoals schrijver dezes, was het qua onderwerp niet het gedroomde dictee, maar dat doet niets af aan mijn waardering.
Verleden jaar leerde ik de naam voor de verzinkbare paal in de weg voor het controleren van de toegang tot een straat of terrein (poller), dit jaar kan ik de jeanned’arcpeer aan mijn vocabularium toevoegen. Spijtig evenwel dat (de spelling van) dat woord in geen van de mij ten dienste staande woordenboeken staat opgetekend. Zélfs mijn lokale groentejuwelier kan deze peer niet leveren.

Zutphen 2017

Rein Leentfaar ziet de eerste prijs aan zijn neus voorbijgaan.

Leestekens
Opnieuw wil ik een lans breken voor een qua woordkeus iets moeilijker dictee. Zoals ik er ook voor zou willen pleiten foutief of in het geheel niet geplaatste leestekens niet fout te rekenen; interpunctie is geen onderdeel van de spelkunst. Waarmee ik natuurlijk niet het belang van het plaatsen van leestekens wil bagatelliseren. Geenszins! Het kan zelfs het verschil maken tussen leven en dood: ‘Hangen, niet vrij!’ stond eens op het gerechtelijk papier. Er had moeten staan: ‘Hangen niet, vrij!’ Vrij vervelend voor de gehangene …
Ook dit jaar hadden de auteurs dus gekozen voor een dictee zonder moeilijke woorden en écht grote struikelblokken. Een en ander neemt niet weg dat er in het dictee genoeg kiezelsteentjes zaten, waarover je ook een lelijke buiteling kunt maken. Enfin, dat bleek wel uit het feit dat er in de vijftig nagekeken dictees 1352 fouten werden gemaakt. Gemiddeld 27.

Zutphen 2017

Bert Jansen neemt zijn eerste prijs in ontvangst uit handen van Fiona van Gemert.

Ranglijst
Op een gedeelde derde plaats, met zestien fouten, eindigden Bert en John Stokkel. Het zilver was voor Wino Sijm. Hij misspelde twaalf keer. De ongekroonde Zutphense dicteekoningin Marry Potjes wist met haar 8 fouten bij de doorgefourneerde dicteetijger Rein Leentfaar langszij te komen en Jeroen van Heemskerck Düker (9 fouten, met dank aan de leestekenregel) zelfs een gevoelige orthografische oorvijg te verkopen. Jan Riefel eindigde met 17 rode strepen. Ondergetekende maakte zes fouten en mocht als prijs het boek De Wilde Planten in en om Zutphen in ontvangst nemen. Prachtig, nu kan hij zijn botanische kennis niveau leesplankje tenminste opvijzelen …

De vriendelijke Marieke Tomesen viel, net als verleden jaar, nét buiten de prijzen, maar ik vermeld haar naam toch graag, omdat ik die verleden jaar fout spelde. René Dijkgraaf strandde onderweg naar Zutphen door een onheilspellend geluid vanonder zijn motorkap. Jammer, maar het betekende wel één angstgegner minder voor de vier aanwezige dicteenomaden …

Bierkoning
Na afloop offerden we in het belendende Cambrinus aan Gambrinus, de legendarische bierkoning. Via de N345 verlieten Jeroen en meine Wenigkeit de ‘frontierstad’. Helaas konden we dus niet verifiëren of de eenstijlige meidoorns van Het Witte Lint inderdaad aan het wegkwijnen zijn. Enfin, dat staat nu op de rol voor 15 november 2018, bij de gelegenheid van het tweede bigiyari van het Groot Zutphens Dictee. De datum staat reeds in onze agenda genoteerd. Met onuitwisbare inkt!

Policors in Harderwijk

Ton Pors – Harderwijk 2017

Dicteeauteur René Dijkgraaf

door Bert Jansen  |  Foto’s © Ton Pors

Hoogzomer was het, toen René Dijkgraaf mij mailde: ‘Mijn kerstboom staat, de komende tijd ga ik de ballen erin hangen.’ Na lezing van deze zin vermoedde ik ernstig een zonnesteek bij de gewaardeerde dicteetijger, maar toen ik verder las, begreep ik de metaforische strekking, want in het vervolg legde hij uit met de kerstboom de ‘ruwe dicteetekst’ te bedoelen en met de ballen de ‘moeilijke woorden’.
Welnu, inmiddels dorren de bomen in het laat seizoen en hebben we op 10 oktober de kerstboom in zijn volle glorie kunnen bewonderen. Maar daarover meer verderop.

Eenvoudig doch voedzaam
Voor de vierde maal organiseerde de Lions Club Harderwijk het Groot Harderwijks Dictee. Ook dit jaar weer was René Dijkgraaf aangezocht het dictee te schrijven. Het eraan gekoppelde goede doel was bestrijding van de laaggeletterdheid: leermaterialen voor Harderwijkse azc-kinderen. Aan het eind van de avond zou blijken dat er 1.300 euro op de rekening van deze stichting kan worden bijgeschreven.
Eveneens voor de vierde maal in successie had René zijn dicteekompanen voorafgaand aan het kruisen der kroontjespennen uitgenodigd om in zijn Harderwijkse kruip-in een – zoals hij het in zijn uitnodiging zelf formuleerde – ‘eenvoudige doch voedzame maaltijd’ te nuttigen. Dat bleek een understatement: René, geaccompagneerd door zijn charmante wederhelft Marjan, zette ons een gesoigneerd convivium voor. Zo’n maaltijd verbroedert en zorgt voor de onderlinge verbinding. Nog afgezien van het feit dat de spelkunst niet gedijt op een rammelende maag.

Ton Pors – Harderwijk 2017

Marjan Wonnink

Grandguignol
In het Christelijk College Nassau Veluwe stonden de tafels in het gelid: vijftig voor de liefhebbers, vijftien voor de tijgers, die weer van verre (van heinde was er niemand) waren gekomen om zich, vrijwillig en tegen betaling, door de ietwat malicieuze auteur te laten roosteren.
Traditiegetrouw trad Bert van Maarleveld, presidentsvoorzitter van de Lions Cub, weer op als spreekstalmeester en was het jurytoezicht in bekwame handen bij de dames Marjan Wonnink (neerlandica) en Elly Bakker (rectrice van het college). Nee, ik doe geen poging politiek correct te zijn.
Na de eerste drie jaar bot te hebben gevangen, hadden de organisatoren burgemeester Harm-Jan van Schaik ten langen leste bereid gevonden het dictee voor te dragen. In zijn introductie zei hij te vrezen dat een eventuele vergelijking met Philip Freriks in zijn nadeel zou uitpakken, maar dat viel alleszins mee. Hij vergaloppeerde zich weliswaar een paar keer – bij grandguignol gaf hij zelfs na een paar vergeefse pogingen de pijp aan Maarten, die inmiddels een aardige collectie moet hebben –, maar zijn rustige dictie en beschaafde sonore stem compenseerden dat ruimschoots.

Ton Pors – Harderwijk 2017

Burgemeester Harm-Jan van Schaik van Harderwijk

Jammer was wel dat een aantal woorden niet helemaal volgens het (uitspraak)boekje over zijn lippen kwamen. Ik noem heautoscopie (dat ten onrechte met een ronde o in de tweede lettergreep werd uitgesproken in plaats van met aan au) – het zette menige dicteenomade op het verkeerde been. Geholpen daarentegen weer werd de goegemeente door het woord epizeuxes in de derde lettergreep met een eu uit te spreken in plaats van met een ui – fouten die doen vermoeden dat de eerste burger van Harderwijk een klassieke opleiding heeft moeten ontberen. Bij wachoachtig kwam de klemtoon verkeerdelijk op de tweede, in plaats van op de eerste lettergreep, waardoor ik het woord niet herkende en er het malle ‘wat showachtig’ op mijn blaadje kwam te staan … Spijtig voor iemand die geen watje wíl zijn en geen macho dúrft te zijn. Dergelijke fouten zijn overigens gemakkelijk te vermijden als de voorlezer een fonologische versie ter hand wordt gesteld.

Ton Pors – Harderwijk 2017

Jan Riefel

Werkster of interieurverzorgster?
Het onderwerp van het dictee was even verrassend als belangwekkend: de devaluatie van het woord, een in dictees nog niet eerder behandeld onderwerp. René opperde in zijn exposé dat de werkster er niet mee geholpen is als we haar beroep versluierend interieurverzorgster noemen. Hij stelde de vermoedelijk retorisch bedoelde vraag: ‘Of een trukendoos vol nieuwe benamingen daarbij helpt, is echter de vraag, want het betreft waarschijnlijk hooguit markeringen van de heersende moraal.’
Dat – aan de andere kant – woorden het wereld- en mensbeeld wel degelijk kunnen kleuren, zal René wel niet willen ontkennen. Of we de Molukse kapers uit de tweede helft van de jaren zeventig nu terroristen of vrijheidsstrijders noemen, maakt wel degelijk verschil voor onze interpretatie van de werkelijkheid. En dat geldt ook voor de mariniers, die, afhankelijk van de bron, bevrijders of zelfs moordenaars genoemd worden. Pijnlijk voor mensen die hun leven in de waagschaal stelden, al mogen de kwalificaties dan slechts ‘trillende luchtmoleculen’ zijn, zoals René stelt.
En sinds kort is ook het inmiddels door Van Dale gesanctioneerde ‘slaafgemaakte’, een morfologisch barbarisme van de eerste orde, bon ton. Ik pas niet meer in mijn schoenen. Tenenkrommend!  Weg met dit soort mijdspreuken!

Verpleegsters of verpleegkundigen?
Een en ander neemt niet weg dat de auteur een punt heeft als hij betoogt dat steeds frequentere naamsveranderingen symbool lijken te staan voor onze machteloosheid discriminatie de baas te worden. Zo betreur ik tot op de dag van vandaag de teloorgang, ergens in de jaren zeventig, van de verpleegster en de onderwijzer ten faveure van het onlogische verpleegkundige en het oerlelijke onderwijsgevende. En nog steeds krijg ik een acute aanval van maculae bij het horen van ‘bemensen’ in plaats van ‘bemannen’. Zelfs uitdrukkingen als ‘met man en macht’ en ‘mankracht’ zijn bij deze policors, die nog geen blókje kaas gegeten hebben van etymologie, niet veilig. Nee, dat moet ‘met mens en macht’ en ‘menskracht’ worden! Mijn toetsenbord protesteert heftig. Bah!

Ton Pors – Harderwijk 2017

Gelukkig viel er ook veel te lachen in Harderwijk. Annemarie Braakman-Ven vond het in elk geval zeer vermakelijk.

Poëtisch analfabetisme
In de kerstboom hingen zo’n zestig ballen. Ofwel: in het invuldictee moesten zo’n zestig woorden worden ingevuld. Vrijwel zonder uitzondering woorden die men in alle frequentielijsten van het Nederlands tevergeefs zal zoeken. Policors zullen daarover wel weer hun staf breken, maar het angstvallig vermijden van ‘moeilijke’ woorden is toegeven aan functioneel minimalisme en zal leiden tot poëtisch analfabetisme. Wij laten ons in het dicteecircuit echter niet ringeloren door de jip-en-janneketaaladepten, wij zijn steeds op zoek naar woorden die uit het gebruik dreigen te vallen. René moet weten dat hij ze niet voor niets uit de krochten van zijn woordenboeken heeft opgedoken: wij adopteren ze. Wij gebruiken ze. Op gevaar af dat we als janweetal geafficheerd worden. En nee, het bezigen van in onbruik geraakte woorden is niet elitair! Eenieder die zijn woordenschat wil uitbreiden, staan woordenboeken ter beschikking die gratis te raadplegen zijn.

Ton Pors – Harderwijk 2017

Organisator Bert van Maarleveld

Bettelheims battle
René, in het grote grammaticabos geen babe in the woods, ging er voorzichtig van uit dat zijn dictee geen discussiepuntjes zou bevatten, maar in dat opzicht had hij toch buiten oud-GDdNT-winnaar Jacques Bettelheim gerekend. Na afloop van het dictee opperde deze dat in de zin “Soms wordt je bijvoorbeeld verzocht ‘geachte dames en heren’ door ‘beste mensen’ te vervangen” ook ‘word je’ goed gerekend zou moeten worden. In de moerlemei bleef hij echter een vox clamantis in deserto. Maar niet voor lang; een dag later trok hij bij de Taaladviesdienst van Onze Taal aan de bel. Rutger Kiezebrink wees er in zijn reactie op dat er in Van Dale geen steun te vinden is voor uitsluitend de vorm mét t. Daar staat expliciet ‘de heren wordt of worden verzocht hierheen te komen’. Ook staat in Van Dale de voorbeeldzin ‘men wordt verzocht hier niet te roken’, en aangezien ‘men’ alleen onderwerp van de zin kan zijn en nooit meewerkend voorwerp of lijdend voorwerp, moeten ook andere onderwerpen mogelijk zijn in combinatie met ‘verzocht worden’. Ergo: zowel ‘wordt je verzocht’ als ‘word je verzocht’ is correct. Waarmee maar weer eens bewezen is dat je een gemankeerde formele educatie best kunt paren aan een scherp inzicht in de grammatische functie …

Ton Pors – Harderwijk 2017

Jeroen van Heemskerck Düker denkt na – en hij is niet de enige.

De gedateerde datief
Over het meewerkend voorwerp is al heel wat inkt vergoten, onder anderen door mijn helaas overleden leermeester (leermeesteres?) en vriendin Frida Balk-Smit Duyzentkunst. Zij repte meer dan twintig jaar geleden al van ‘de teloorgang van het meewerkend voorwerp’. Want ga maar na: zoals het eerder ‘lusten’ verging, zo vergaat het nu ‘verzoeken’. En met ‘passen’ zal het krek eender aflopen: er is geen middelbareschoolleerling meer die zegt ‘mij past die schoen niet’. ‘Ik pas die schoen niet’ is voor jongeren de enige vorm. De toekomst is dus voor ‘de heren worden verzocht’. Daar helpt geen lievemoederen aan!
Ook in het onlangs verschenen werkje ‘Maar zo heb ik dat geleerd’ van oud-taaladviseur Wouter van Wingerden wordt aandacht aan dit onderwerp besteed. Hij komt tot dezelfde conclusie als zijn vroegere collega.
‘De reizigers wordt verzocht’ hoor je intussen alleen nog maar op Schiphol. Telkens als ik het hoor, vraag ik mij af of de omroeper (m/v) dat ook zo zou zeggen als die tekst niet op zijn of haar blaadje stond, als hij of zij vrijuit sprak, niet belemmerd door voorschriften. Ik weet zeker van niet. Professor Kruisinga, een grammaticus uit de vorige eeuw, placht te zeggen dat alle voorschriften voor taalgebruik bedervend zijn. Daarin kan ik – zonder de tak af te zagen waar ik zelf op zit – niet geheel met hem meegaan, maar een punt heeft hij wel.

De mooiste vondst in het dictee was wat mij betreft wel de zin: ‘De kortte van dit betoog verhindert uitweiding over deze interessante gedachte.’ Menige dicteetijger had niet het analogon gezien met dikte en breedte.

Ton Pors – Harderwijk 2017

Marissa van Vliet is blij met haar eerste prijs bij de liefhebbers.

Ontwapenend gemak
Na afloop van het dictee behandelde René nog eens de diverse spellingproblemen. Hij bespeelde de zaal weer met ontwapenend gemak – en vissend naar complimentjes (‘Ik hoop dat jullie mij nu nog wel lief vinden’). Het hoogtepunt vormde wel het hilarische filmpje uit 1989 van John Cleese die Tina Turner introduceert.

Bij de teams gaf D66 eenieder het nakijken (13 fouten gemiddeld). De ChristenUnie wist nog maar net de scholieren in toom te houden (15 tegenover 15,5 gemiddeld). De uitslag bij de liefhebbers liet een afgetekende overwinning zien voor classica Marissa van Vliet. Deze coming woman in het dictee- én quizcircuit struikelde slechts zes keer (gemiddeld 18) tijdens het lastige parcours; haar prijs: een etentje voor twee bij restaurant Ratatouille. Wij zijn benieuwd wie ze meevraagt … Ze werd op de voet gevolgd door Mirjam Driest (8 fouten, goed voor een pen). Het brons was voor Hommes Bontemps (11 fouten, goed voor een bon van Brasserie De Bank). Annemarie Braakman deed weliswaar buiten mededinging mee, maar haar foutenaantal (net als Marissa slechts 6) had wel vermeld mogen worden. Bij dezen alsnog!

Ton Pors – Harderwijk 2017

Johan de Boer

Specialisten
Helaas had het correctieteam zich niet zo secuur van zijn taak gekweten, zodat het exacte foutenaantal van de top drie niet te geven is. Vast staat echter dat bij de specialisten de dicteetrojka Johan de Boer, Rein Leentfaar en Rien Wisse (deze volgorde is strikt alfabetisch-lexicografisch; er kan geen voorkeur uit worden afgeleid) elkaar nauwelijks iets toegaf. Er circuleerden verschillende tellingen, maar in alle drie kwam hun foutenaantal neer op ongeveer tien (gemiddeld 21). Chapeau!

René hield er rekening mee dat men aan het dictee thelalgie of heautoscopie zou kunnen overhouden. Nou dat viel wat mij betreft mee: het beperkte zich tot een flinke kater. Nochtans hoop ik er volgend jaar weer bij te zijn. Ik zeg dus: tot ziens bij de bigiyari!

 

Taalles in een Kudelstaartse kroeg

Kudelstaart 2017

Annemarie Braakman-Ven introduceert Bert Jansen aan het publiek.

door Joke van der Zee

Zelfs de meest doorgewinterde taalliefhebber voelde zich afgelopen woensdagavond 5 juli bij tijd en wijle een ‘dummy’. Neerlandicus Bert Jansen gaf in het Kudelstaartse café Op de Hoek taalles aan zo’n 25 belangstellenden, met aansluitend een dictee voor dummy’s. Jansen was er op uitnodiging van Stichting Groot Aalsmeers Dictee (SGAD), die naast het jaarlijkse Aalsmeers Dictee ook andere taalevenementen organiseert.

Dat je dinertje niet als ‘dineetje’ schrijft maar wel zo uitspreekt en dat gewelddadig toch echt met ‘dubbel d’ is, die je dan weer niet hoort, dat zijn wáre instinkers. In het instapdictee dat Jansen presenteerde kwamen er nog veel meer voorbij: echte dicteewoorden. “Om alvast te oefenen voor het Aalsmeers Dictee”, adviseerde hij. Aan de orde kwamen onder meer gedachtegoed, uit-en-ter-na en bediscussiëren.

Kudelstaart 2017

Bezoekers luisteren naar het instapdictee van Bert Jansen.

Taalreis
Alvorens het publiek lustig meeschreef met de dicteezinnen had Jansen diverse taalkwesties naar voren gebracht. Hij begon met de geschiedenis en nam de toehoorders verder mee op ‘taalreis’ door een woud van moeilijke termen die naam geven aan allerlei taalregels. “Hogere wiskunde leek het wel, maar zeer zeker interessant”, aldus een bezoeker. Wanneer een hoofdletter, wel of geen tussenstreepje, een accent op de é? En waarom is het geen sjampanje? Of waarom zeggen we zaddoek maar schrijven we zakdoek? En dan ‘t kofschip. Jansen spreekt liever van fokschaapshit. “De ‘sh’-klank moet ook vertegenwoordigd zijn om het voltooid deelwoord te bepalen.

De Bussumse neerlandicus pakte nog veel meer woorden aan die voor hoofdbrekens zorgen in de Nederlandse spelling en schrijfwijze. Want: waarom is het Amsterdam ArenA met tweemaal een hoofdletter A? “In de spelling heet dit het donorprincipe. Je houdt deze schrijfwijze aan omdat het een eigennaam is”, legde Jansen ut. Ook haalde hij de ‘los schrijf manie’ aan. En dat levert soms hilarische verwarringen op. Een oudemannenhuis is iets anders dan het oude mannenhuis. De wenkbrauwen in het publiek gingen omhoog bij het zien van woorden als massagebed dat weer iets heel anders betekent dan een massa-gebed. Taal… is nadenken!

Kudelstaart 2017

Neerlandicus Bert Jansen

Menukaart
Jansen denkt er veel aan, zelfs voorafgaand aan zijn lezing, toen hij op de menukaart van ‘De Hoek’ een foutje ontwaarde: ice tea, dat toch echt aan elkaar geschreven moet worden. Ook lokale taalfouten kwamen aan de orde, zoals het verkeerd weergegeven straatnaambord in Kudelstaart: Ad Verschueren Plein. Moet zijn: Ad Verschuerenplein. Jansen fungeerde deze avond als taalvraagbaak en leraar, maar bovenal als begenadigd verteller waar menig bezoeker veel van opgestoken heeft.

Het BeNeDictee in het Palingmeer? Molto BeNe!

BeNe-Aalsmeer 2017

Herman Killens, Frank Denys en Lizi van Vollenhoven tijdens het derde BeNeDictee.

tekst en foto’s: Herman Killens

Zin in wat grensverleggende journalistiek? Helemaal conform onze hobby combineer ik deze keer een dicteeverslag met … een verslagdictee. De gecursiveerde woorden vormen de spellingopgaven, waarvan er een flink aantal uit een van beide Aalsmeerse BeNeDictees komen. Een look-and-feelervaring. Ik zou zeggen: neem pen en papier, ga er eens goed voor zitten en vraag aan iemand in jouw omgeving om de tekst voor te lezen. Aan de buurman bijvoorbeeld. Hier gaan we.

Het BeNeDictee heeft de weergoden mee, dat mag duidelijk zijn. Na de zonovergoten Opwijkse startsessie is het opnieuw superweer in Aalsmeer. Het kwik bereikt al quasimediterrane waarden als de twee bestofte reizigers uit het ‘verre’ Vlaams-Brabant (Frank Denys en uw Chinese vrijwilliger) neerstrijken in de gezellige tuin van het gezin Braakman-Ven. We bevinden ons onmiskenbaar op Nederlands grondgebied: geen Vlaamse allerallerindividueelste wildbouw genre ‘fermette naast pastorie naast glas-en-betonconstructie’, maar een geordende en streng geregisseerde ruimtelijke indeling met identiek ogende huizen en brugjes, strak gemillimeterd op een rij. In combinatie met de grachten en nauwe straatjes een erg sfeervol geheel!

BeNe-Aalsmeer 2017

Buurman Hans las het eerste dictee van de dag voor.

Dicteehobbyistenmisjpooche
De altijd goedlachse Annemarie verwelkomt ons bijzonder hartelijk en gastvrij met koffie, thee en een uitnodigend ontbijt uit het vuistje. Tussen de joelende kinderen begroeten we de aanwezige vrienden (collega-zelateurs) uit het dicteecircuit (dicteehobbyistenmisjpooche) die al uitgebreid van het zonnetje en de goeie babbel genieten. De trampoline van de kids oogt uitnodigend maar het lijkt ons geen goed idee om al hersenschade op te lopen nog voor het ochtenddictee van start gaat.

Het neerpennen van die dicteetekst is overigens uitbesteed aan Ronald Ganzeboom. Die kennen we vooral als ex-winnaar en sinds 2015 auteur van het gerenommeerde Groot Aalsmeers Dictee. Door omstandigheden kan hij echter zijn literaire proza niet zelf komen voorlezen. Maar daar heeft Annemarie het volgende op gevonden. Onder het motto ‘beter een goede buur dan een verre vriend’ heeft ze buurman Hans gevraagd om de honneurs waar te nemen. Een prima keuze zo blijkt, want Hans is niet enkel buur én goede vriend maar ook nog eens een rasentertainer die bovendien over een vrij goede articulatie en een heldere stem beschikt.

BeNe-Aalsmeer 2017

Dictees schrijven vereist soms enig improvisatievermogen.

Gewoon een leuk dictee
Iedereen heeft ondertussen een comfortabel plaatsje uitgezocht. Wat zijn de kinderen toch welopgevoed rustig en stil, enkel de Senseo zorgt voor stoute geluiden. We beginnen aan het dictee vol goede moed. Moeilijker dan in Opwijk kan het toch onmogelijk nog zijn. Anne-Marie heeft overigens vooraf duidelijke consignes gegeven aan de tekstschrijvers: Geen orthografisch bloedbad (of iets milder geformuleerd: foutenregen) als in Opwijk of Breskens. Gewoon een leuk dictee is goed genoeg, laten we er geen strijd van maken wie de deelnemers de meeste fouten kan laten maken.’

Geen bloedbad, OK, maar de vloer wordt toch al snel spiegelglad van onze vele zweetdruppels. Het begint al met de titel: ‘Rotfluts’. Huh??? Een annotatie op het einde van het invulvel helpt ons uit onze onwetendheid: rotfluts staat voor ‘rolling on the floor laughing unable to speak’ … Wij lachen vooral groen na het aanhoren van de eerste paragraaf: blakstil weer, dystopische fantasmagorieën, sjikse, …

Nog een afschrikwekkend voorbeeld van de moeilijkheidsgraad: ‘Er zou zich natuurlijk een haatbukkake van de geïmmatriculeerde schrijvende aficionado’s kunnen manifesteren, maar lou loene, mijn afwezigheid beschermt mij als het zwarte schapulier over de witte pij van een cisterciënzer monnik tegen het laag-bij-de-grondse vuil. Ik eet er geen moksaleisi’s, sopropo’s of bitawiri minder om. Gelukkig heb ik geen last van hyperthyreoïdie en zullen de queteletindices bij mij in het rood uitslaan.’ Oeps!

BeNe-Aalsmeer 2017

Een voortreffelijke lunch tussen de twee dicteesessies.

Paracetamolletjes
En dan rijst natuurlijk de vraag: waar gaat deze tekst in ’s hemelsnaam over? Volgens Ronald zelf gaat het over niets, helemaal niets – kijk dat moet ook eens kunnen: ‘(…) kladderadatsch gecombineerd met broodjeaapverhalen, apekool en gevioleerde nonsens om er geprivilegieerde tijgers mee om hun chique mombakkesen te slaan. Gewoon wat als een kruidje-roer-mij-nietje in het wilde weg schrijven … Prachtig!’

Enkelen van de deelnemers opperen dat het een schoolvoorbeeld van de veelbeproefde dimmethode zou zijn. Wel, deze altijd kritische en onafhankelijke onderzoeksjournalist heeft het uitgezocht en moet dit enigszins tegenspreken. Onversaagd heeft hij de tekst ondertussen acht keer in extenso doorgenomen – enige paracetamolletjes waren achteraf nodig – en het besluit is confronterend: het gaat wel degelijk ergens over, namelijk over onszelf, de leden van dit obscurantistisch dicteeclubje. Geen dank.

Kers op de taart is het onbekende woord met de onmogelijke schrijfwijze ‘Tüötten’. Niet in de officiële woordenboeken, een Ganzeboomaardigheidje: het blijken rondtrekkende kooplieden te zijn (synoniem van Teuten). Alle rondtrekkende dicteetijgers hebben het fout en bijgevolg wordt er niet al te luid geprotesteerd.

BeNe-Aalsmeer 2017

Discussie is een vast onderdeel van de BeNeDictees.

Snoeiharde correctieronde
Na afloop van het dictee is er enige vertwijfeling als er maar 1 correctie-exemplaar voorhanden blijkt te zijn. Hans stelt voor om bij het nakijken de 115 invulwoorden een voor een te dicteren, letter voor letter, accent voor accent. Oei, dat wordt nachtwerk. Gelukkig ontdekt Annemarie nog tijdig de verzegelde omslag met voldoende kopies, overigens netjes voorzien van een duidelijke uitleg per invulplaats. Super gedaan, Ronald! En bedankt, buurman!

Na een snoeiharde correctieronde blijkt Rien Wisse de overwinning (inclusief drie smakkerds en een mooie prijs van Annemarie) te hebben behaald met 87%. Een superbe tweede plaats is weggelegd voor Frank Denys (83%). Ik deel het laagste virtuele podiumtrapje met Rein Leentfaar (82%), een hele eer. Verder hebben de ‘anciens‘ (in willekeurige volgorde: Dian van Gelder, Jozef Lamberts en gastvrouw Annemarie Braakman-Ven) hun persoonlijke scores gevoelig verbeterd in vergelijking met de Opwijksessie; de nieuwkomers (Lizi van Vollenhoven, Jeroen van Heemskerck Düker en Bert Jansen) hebben sterke openers neergezet. Iedereen blij.

En we worden nog veel blijer als we het exquise vegetarische middagbuffet aanschouwen. We denken even dat Jonnie Boer en Sergio Herman zich ergens in een keukenkast hebben verstopt, maar neen: de driesterrenmaaltijd is helemaal signatuur Annemarie. Het is heerlijk smullen op het buitenterras in de zon, al dan niet besprenkeld met een aantal glazen uit het patersvaatje. Ja hoor, dicteeën is bij uitstek een zomersport.

BeNe-Aalsmeer 2017

Bert Jansen in een karakteristieke pose.

Epyllion
Maar dan komt een of andere onverlaat op onze schouder tikken. Jawel, tijd voor nog een dicteetje. Stoorzender Bert Jansen hoeven we eigenlijk niet meer voor te stellen. De Bussumse docent en taalkundige is in Noord en Zuid onder meer genoeglijk bekend als erudiet auteur van geweldige verslagen en columns, en dus is het voor ons zeker geen quart d’heure de Rabelais als we binnen opnieuw horen plaats te nemen met een schrijfplankje op de schoot, wel integendeel.

Voor zijn epyllion ‘Trubbels in het Palingmeer’ heeft Bert zich overduidelijk uitgebreid verdiept in de annalen van het Palingmeer, de oude benaming van het huidige Aalsmeer. Hij leest de tekst met veel passie voor. We krijgen een overzicht van de economische geschiedenis – over visserij (waarin de coelacant, de cobia en de hozebek een roemloos einde vonden in de vesanen van menige loze visser) tot de aardbeien- en rozenteelt. Het is zelfs volgens Bert niet helemaal duidelijk waar de grens tussen Dichtung und Wahrheit loopt. Is dit misschien een geval van fake nieuws?

Er wordt ingezoomd op de buiten gebruik gestelde art-decowatertoren van Aalsmeer. Een discussie ontspint zich tussen voor- en tegenstanders van een gebruik als luxehotel-restaurant (waar ze kolbaszworstjes, escabeche met szechuanpeper en croquembouches à gogo zouden serveren). Als alternatief wordt een culturele bestemming gesuggereerd, zoals een podium voor serenades met kemenches en bodhráns in mbalax- of bhangra- uitvoeringen …

BeNe-Aalsmeer 2017

Rien Wisse ontvangt de eerste prijs uit handen van Annemarie Braakman.

Gelijkheidsideaal
Het slot is zeer ad rem. Na de bagger die dictee- en spellinghaters na het verscheiden van het Groot Dictee der Nederlandse Taal op internetfora verspreidden, onder het mom van ‘dictee is elitair’ en ‘de Nederlandse spelling is veel te moeilijk’, luidt het bij Bert: ‘Moeten wij allemaal tot monosyllabische stamelaars vervallen? Wilt u terug naar die sturm-und-drangperiode, waarin men er versjwartste ideeën op na hield en geëchauffeerde querulanten een extreem gelijkheidsideaal nastreefden. Ikzelf kan een marathonloper op mijn elektrische fiets nog niet bijhouden, maar moet ik daarom de banvloek over triatlons en andere sportevenementen uitspreken?’ En ook nog: ‘De kwintessens van dit verhaal: hoed u voor mensen die genoegen nemen met mediocriteit.’ Wie kan dit beter formuleren dan good old Bert!

De rodestreepjestelling heeft geen spannend slot. Capo di capi Rein geeft iedereen ruim het nakijken met een weergaloze score van 92%. Wow, vierdubbele winst: eeuwige Aalsmeerse roem, de virtuele gele trui en de zoenen en het persoonlijke cadeau van Annemarie. Op respectabele afstand deel ik de tweede plaats met Rien Wisse (83%), een hele eer. Maar wie maalt nog om de uitslag als we achteraf uitgebreid in de tuin kunnen verbroederen (en verzusteren) bij een hapje en een tapje.

BeNe-Aalsmeer 2017

Groepsportret: Rien Wisse, Frank Denys, Lizi van Vollenhoven, Jeroen van Heemskerck Düker, Herman Killens, Bert Jansen, Dian van Gelder, Rein Leentfaar, Jozef Lamberts, gastvrouw Annemarie Braakman en Jasmijn.

Een boeketje eschscholtzia’s
Wat was het weer een topper in Aalsmeer. Ik wens hierbij specifiek Annemarie in de bloemetjes (miniamarylissen en eschscholtzia’s) te zetten voor de perfecte organisatie, de heerlijke ontvangst en catering en de gezellige huiselijke sfeer. Dank aan de twee dicteeschrijvers (en de buurman) die ons een genoeglijke intellectuele uitdaging hebben bezorgd (die nog dagen nazindert, getuige het uitgebreide e-mailverkeer achteraf over al dan niet kwestieuze details in de teksten). En het moet gezegd: ook een hele dikke merci aan Marie-Louise, de sympathieke vriendin-doet-al van Jozef die zowel in Opwijk als in Aalsmeer voor een geweldige hulp achter de schermen zorgde. Hiep, hiep, hiep! Hoera!

Om te besluiten wil ik nog even passend Frank Denys citeren: ‘Na de twee geslaagde edities ziet het er naar uit dat het BeNeDictee een mooie toekomst tegemoet gaat: huiskamerdictees voor specialisten hebben naast de klassieke dictees beslist hun bestaansreden!’

Jawel, het BeNeDictee is bene. Molto BeNe! Op naar Breskens zou ik zeggen. Afspraak op 16 september.

PS: Alle 120 goed? Zelfs de naam van onze webmaster? Buitengewoon! Je hebt een wildcard voor alle volgende sessies veroverd.