Makkelijk Dictee veel te makkelijk

Jan de Loodgieter

Jan de Loodgieter

Door Rien Wisse, redacteur van De Spelt, je broodnodige dicteenieuws.

Het roemruchte Makkelijk Dictee Limbabwe is gewonnen door Jan de Loodgieter uit Simpelveld. Hij spelde alle honderd invulwoorden goed. Omdat de andere tachtig deelnemers dat ook deden, moest een shoot-out de beslissing brengen.

In de zenuwslopende barrage kwamen tal van dicteeklassiekers voorbij, zoals nochtans, alleszins en uitweiden. Pas bij de zevenenzeventigste opgave, toen er nog slechts vijf deelnemers in de race waren, kon de lokale held als winnaar worden aangewezen. Bij Dat slaat als kut op dirk gingen zijn concurrenten in de fout met ‘kut-op-dirk’, ‘kut op Dirk’, ‘cut op Dirk’ en ‘kuttopdirk’.

Leiding en buis
De Loodgieter liet na de uitputtingsslag zijn taalgevoel nog maar eens spreken: “Ik ben bijna door het putje gegaan en het water stond me tot aan de lippen. Ik ben gewend om aan de leiding te gaan. Gelukkig heb ik nu geen buis gekregen.”

Ja, uw verslaggever moest er ook even over nadenken.

Makkelijk zat
De meeste deelnemers waren ontstemd door het eenvoudige niveau van het dictee, samengesteld door Henk en Ingrid Holland.

Een van de slachtoffers zei cruijffiaans: “Zo jaag je alle spellingeinsteins de arena uit. Het moeilijke van een makkelijke dicteewedstrijd is om een zwakke tegenstander slecht te laten spellen. De punten moeten dáár op de i gezet worden waar ze horen, makkelijk zat. Ik ben er nog steeds van overtuigd dat zoals ik een dictee opstel je het moet doen, want anders zou ik het niet doen. Een gemiddelde score van nul fout is een utopie wie nooit mag gebeuren.”

Latijn
Een beteuterde Henk Holland stamelde: “Mea maxi­ma cul­pa. Peccavi. Qui s’ex­cu­se, s’accuse. Ik doe amende honorable en hoop op een absolvo te. Voor mij geen dictees meer.”

Dat laatste begrijp ik. De rest is Latijn voor me, en ik ken Frans als een koe Spaans.

Sweet BeNeDictee City

zoetermeer

De Dorpsstraat van Zoetermeer. Foto: Edwin Brugman

door Herman Killens

Oei, Zoetermeer, ik had er nog nooit van gehoord. En nochtans heb ik in het verleden heel vaak Nederland gefrequenteerd, voornamelijk om professionele redenen maar ook op de bonnefooi met fiets, wandelschoenen en tent. Maar nooit Sweet Lake City dus, de intrigerende benaming die Dian van Gelder in haar uitnodigingsmail gebruikt.

Had ik al gezegd dat dicteeën bij uitstek een zomersport is? Inderdaad, zoals bovenmaats vaak het geval voor de BeNeDictees genieten we weeral voor de zoveelste keer van een hoogmediterraan temperatuurtje als we op zaterdag 26 mei 2018 aan het gezellige restaurant Happy Moose arriveren. Echtgenote Mireille heeft na een uitgebreide voorafgaandelijke research haar fiets meegebracht en peddelt onmiddellijk met een verrekijker richting het natuurgebied met de moeilijke spelling Noord Aa. Zij gaat op zoek naar zo veel mogelijk verschillende vogels, ik naar zo weinig mogelijk schrijffouten. Zij geniet in de zon, ik ga zwoegen op de eerste etage. Doemetoch – toch de verkeerde hobby gekozen?

Medemasochisten
De dicteevrienden genieten al van hun welkomstdrank en ontbijt als ik met Bert Jansen puffend de trap naar de Rietzoomzaal bestijg. Er zijn in totaal naast mezelf tien medemasochisten aanwezig: gastvrouw Dian van Gelder, Annemarie Braakman-Ven, Leni Lagerberg, Lizi van Vollenhoven, Bert Jansen, Jeroen van Heemskerck Düker, Jozef Lamberts, Rein Leentfaar en Rien Wisse. En – tada, tromgeroffel, klaroengeschal – Joost Verheyen!!! Amai, de strafste speller van het westelijk halfrond is aanwezig. En bij uitbreiding ook van het oostelijk halfrond. Een hele eer voor de BeNeDicteeCommunity. Van zodra zijn inschrijving bekend werd gemaakt heeft Rien zelfs zijn hele dictee herschreven (zie verder) …

Dian, die uitgebreid reclame maakte op diverse fora, had gezien de ruime locatie op nog meer volk gehoopt. Oorspronkelijk hadden zich in Joosts zog trouwens nog twee andere Limburgse specialisten ingeschreven, maar die zegden dan weer in extremis af. Maar het moet gezegd: hoeveel dictees vinden er per jaar plaats waar meer dan elf dicteetijgers aan deelnemen? Enkele komen in 2018 heel voorzichtig bijna in de buurt: het Hautekietdictee, Sluis, Terneuzen, Oudewater, … Maar méér? Neen, BeNeZoetermeer is op dat gebied een absolute topper.

Aalsmeer 2017

Dian van Gelder in Aalsmeer (2017). Foto: Huib Boogert

Powerpoint
Het uitzicht vanop het balkon is groots: water, riet, meerkoeten en futen. En hikende en bikende bezoekers. Maar er moet gepresteerd worden. Dicteeën, weet je wel. De immer enthousiaste Dian komt evenwel verrassend uit de hoek. We beginnen immers met een … powerpointpresentatie over Zoetermeer. Ongemeen schitterend, zeker voor deze onwetende Vlaming. Zoetermeer blijkt veel groter dan gedacht, 125.000 inwoners, wauw (hier spreekt natuurlijk wel een inwoner van – of all places – Opwijk). Eigenlijk een uit de voegen gebarsten groeikern. Ongelooflijk, met alle voorzieningen: een metro, een skistation, een golfbaan, … En nu dus ook een dicteewedstrijd. Een dubbele dan nog.

We trappen af met een dictee geschreven door Lizi van Vollenhoven, een knotsgek en humoristisch verhaal onder de titel Boontje komt om zijn loontje. Daarin heeft de louche figuur Appie W. het plan opgevat om een sterrenrestaurant annex zwartgeldwitwasserij te starten – de koddige Kwartel – en tegelijkertijd zijn overbuurman en rivaal op haute-cuisinegebied uit te schakelen – de gepluimde Patrijs. Daarvoor schakelt hij twee straatschoffies in. De eerste moet vijftienhonderd cicaden en vijftig muizen loslaten in de frigidaireruimte van zijn overbuur, de tweede enterotoxineproducerende E. colibacteriën door de hors-d’oeuvre van de gepluimde Patrijs mengen om de gasten een langdurige gastro-enteritis te bezorgen. Ondertussen vindt de grande opening plaats van zijn eigen restaurant, waar gourmands, journalisten en de Amsterdamse onderwereld op uitgenodigd worden op een veertiengangenamusediner.

Quokka en tafa
Natuurlijk loopt alles in het honderd. De twee vergissen zich in de uithangborden – ze kunnen immers nog geen kwartel van een patrijs onderscheiden (en had het nu om een quokka versus een tafa had gegaan, dan konden we dat nog enigszins begrijpen) en droppen hun goedje in het verkeerde restaurant. Gevolg: een chaos vanjewelste, een schietpartij. Ik citeer:

De coquette trok hierop haar uzi onder haar vicuñawollen jas vandaan en begon in het wilde weg te schieten. De sterkedrankcontainers veranderden in evenzovele danaïdenvaten. Terwijl de journalisten driftig aantekeningen maakten, probeerde Appie zo veel mogelijk van de Chateau Montifaud te redden door onder een vat te gaan liggen en gewoon zijn mond open te houden. De via het C2000-systeem opgeroepen ME arresteerde onder het motto ‘eerst meppen, dan uitzoeken’ de hele bups en slingerde de goegemeente in het cachot. Naar het schijnt snakt Appie inmiddels naar de meest simpele McDonald’s-maaltijd.

Aalsmeer 2017

Lizi van Vollenhoven tijdens het Aalsmeers Dictee 2017. Foto: Huib Boogert

Kruudmoes
Nu nog foutloos neerpennen. Enige culinaire kennis van heb ik jou daar was alvast een pre: toastjes met coquilles Saint-Jacques, crème de chayote of aspic van casselerrib, creusetapas, petits-beurres met crème fouettée en cassata-ijs. En misschien past de koketterende oude taart eveneens in dat rijtje …
De volgende zin zal allicht ook wel nergens zonder rode markering gebleven zijn: Een loensende drinkebroer raakte geleidelijk aan sjikker door het teveel aan charoset en probeerde met hand en tand antroposofische homeopathie te propageren als panacee tegen alcoholgeïnduceerde malaise.

Maar het kan ook veel stommer: schrijf ik toch wel vicuñabollen in plaats van -wollen. Het woord dat evenwel het vaakst fout gaat is kruudmoes. Kruutwatte? Precies. Kruudmoes blijkt een oud Gelders en Overijssels gerecht te zijn, een stevige en voedende pap van gort, karnemelk, spek, rookworst, rozijnen en verse kruiden. Weer iets bijgeleerd. Lizi heeft alvast beloofd om het te serveren tijdens het BeNeDictee op 22 september in Voorburg!

Meisterstück
De uitslag is … een ex aequo. De super-Zeeuw Rein Leentfaar slaagt erin gelijke tred te houden met Meisterstück Joost Verheyen: vier fouten (op 69 invulplaatsen), op drie tellen gevolgd door Rien Wisse. Meteen verschanst Lizi zich op het balkon om ter plekke enkele shoot-outwoorden te bedenken, na gecheckt te hebben of beide protagonisten geen medische voorkennis hebben. Stafylokokkentonsillitis en cervixdysplasie gaan voor beiden goed, maar over de schrijfwijze van prosopagnosie twijfelt Rein net iets te lang zodat Joost tot winnaar wordt uitgeroepen.

Tijd voor het buffet, perfect klaargemaakt en opgediend door het restaurantpersoneel, en tijd om op het balkon ook wat van het fraaie weer te genieten. Even uitblazen vooraleer de gevreesde Rien Wisse – de winnaar van de competitie 2017 – aan de beurt komt. Die heeft zoals gezegd zijn hele dictee een facelift gegeven van zodra hij hoorde dat Joost zou deelnemen. En dat zullen we geweten hebben.

Lansingerland Rien Wisse

Rien Wisse (foto uit 2014)

Woordkunstenaar
Over het verhaal kan ik kort zijn. Een next best oplossing gaat over een vijfenzestigenhalfjarige man die naar een geriatrieaios (in Nederland: arts in opleiding tot specialist) gaat en doorverwezen wordt wegens een drankprobleem. Of toch ongeveer, want de tekst staat zo vol met onmogelijke woorden en woordcombinaties dat ik nog steeds de eigenlijke story tracht te achterhalen. Rien is immers een grandioze woordkunstenaar die, net als bijvoorbeeld Marc de Smit in Terneuzen, iedereen voortdurend op het verkeerde been zet met ingenieus in elkaar geknutselde combinaties van klanken, grammaticale constructies en woordlookalikes. Alleen gaat Marc daar spaarzamer mee om, terwijl Rien onze hersenen om de haverklap bombardeert.

Enkele afschrikwekkende voorbeelden: dementia-praesenilissymptomen, gaazspecialist, zo vol als mut, méritoire geëdite teasestrip (en geen T-strip), meatspace (niet een meetspace of ontmoetingsruimte maar de fysieke wereld), widescreen (oeps, geen whitescreen), het gele snavelhauwtje, een toetoeppak (ik maak er een tutupak van), wat tanorexia-achtig, beresterk van inhout (!), de band dEUS, ge schiept te veel, ik ben uit de ket maar niet wous (waar heeft-ie het in ’s hemelsnaam over …), pek- of alantswijn (neen, geen peccovalantswijn of wat dan ook). Het al dan niet aan elkaar schrijven of streepjes zetten passeert eveneens de revue: de next best oplossing uiteraard, maar ook een prima de luxe stemming, de baard van Mozes, een so easy’tje, een net-nietspecialist, een standalonescrollwieltje, boe roepen, begijne maken, terwijl we bijeenwaren, …

En dan is er nog de spitstechnologie: declassee, vrouwelijk omdat het gevolgd wordt door het woordje wier. Trakteerden, want het is souschef et al. (en anderen). Ja, jongens, amai mijn voeten. En de rest zijn gewoon … moeilijke woorden: covaartest, rantte, beb, schroodbeitel, dik van zoute – ik kan zo nog een tijdje doorgaan.

Een kokmeeuw. Foto: Diliff (Wikimedia)

Een kokmeeuw. Foto: Diliff (Wikimedia)

Kokmeeuw
Het gaat allemaal wat boven mijn petje. Er moeten in totaal maar liefst bijna 30 procent van de gedicteerde woorden worden opgeschreven (106 van de 347 woorden). Dat geeft een onoverzichtelijk invulblad, vooral daar er gewoon blanco’s staan waar een woord- of woordgroep moet ingevuld worden, en dan nog vaak enkele naast elkaar. Bovendien ligt het dicteertempo bijzonder hoog, combineert Rien regelmatig verschillende woorden in één woordgroep en is er veel te weinig tijd om na te denken over al deze complexe hersenpuzzels. En voor Vlamingen komen daar dan nog eens wat extra fouten bij door de afwijkende Hollandse uitspraak (‘regiolect’, om Bert Jansen te parafraseren). Dat laatste, tja uitwedstrijd, ieder zijn beurt.

Sorry Rien, op het einde heb ik er al helemaal geen zin meer in. Ik leg mijn pen neer en zie hoe een kokmeeuw op het balkon neerstrijkt. Ik zet een vogelstreepje bij op mijn blad … Na afloop blijkt dat Rien niet doorheeft dat het toch wel afschuwelijk moeilijk is. ‘Tja, al die woorden staan gewoon in mijn Lijst’, klinkt het laconiek.

Messi en Ronaldo
Van de 66 invulgroepen schrijft zelfs winnaar Joost er uiteindelijk 21 fout (zowat een derde van alle woorden – dat overkwam hem allicht nog nooit), en enkel Rein (28) en uw nederige dienaar (31) halen nog net iets meer dan de helft. Gemiddeld worden er door de deelnemers uiteindelijk twee derde (!!) van de woorden en woordgroepen fout geschreven, allicht een absoluut nieuw record aller tijden voor een invuldictee. En dus kan ik toch nog met een goed gevoel naar huis: nu kan niemand meer zeggen hoe affreus moeilijk Opwijk 2017 (de vorige recordhouder) was …

Het is in het verleden al meermaals door een aantal deelnemers en verslaggevers vermeld: leggen we de lat nu niet veel te hoog? Willen we dat enkel nog Messi en Ronaldo aan de BeNeDictees deelnemen of mikken we breder? Ik kreeg begin dit jaar verschillende antwoorden van uitgenodigden dat ze het toch wel echt veel te moeilijk vinden en daarom passen voor de BeNeDictees. En de aankondiging op dictees.nl hielp ook niet echt: ‘competitie voor de ambitieuze dicteehobbyist’. Tijd voor wat bezinning? Het dictee van Lizi (gemiddeld een vijfde fout) was wat mij betreft een goed streefdoel.

Het terras van de Happy Moose in Zoetermeer

Het terras van de Happy Moose in Zoetermeer

Après-dictee
Bovendien zorgt dat ook voor een rangschikking op basis van appelen en peren. Volgend jaar dus allicht te schrappen. Wat er ook van zij: Rein verovert de virtuele gele trui, terwijl Nederland de leidersplaats in het landenklassement nog verstevigt.

Het moet gezegd: Dian heeft op een creatieve en toffe wijze het woonkamerconcept breed geïnterpreteerd. En ook de organisatie was perfect. Maar persoonlijk verkies ik toch altijd wel de intimistische en gezellige sfeer van de echte huiskamer. Maar ik heb geen recht van spreken, want ik mis natuurlijk wel het belangrijkste onderdeel: het après-dictee. Om privéredenen moet ik er vandoor, terwijl het gezelschap plaatsneemt op een schaduwrijke plek op het terras van de Happy Moose. Voor verdere verslaggeving hierover verwijs ik jullie dus graag door naar de andere deelnemers.

O ja, Mireille heeft meer gevederde vrienden gespot dan ik fouten heb geschreven. Maar of dat iets zegt over mijn orthografische kwaliteiten dan wel over haar ornithologische kennis laat ik even in het midden …

Kabouterland zet bananenrepubliek te kijk

Door Rien Wisse, redacteur van De Spelt, je broodnodige dicteenieuws.

Het kabouterland versloeg de bananenrepubliek en plaatste zich voor de halve finale van het WK spelling in Absurdistan.

De Karmozijnen Satans ontregelden in een zinderende kwartfinale de Diviene Harzers met oogstrelende totaalspelling. De ‘goddelijke kanaries’ gingen in de fout na spelhervattingen. De ‘rode duivels’ wisten wel raad met de inkoppertjes en wonnen met één fout verschil.

Paradijselijk geluk
Schrijfcoach Martien Es kan weer een zege toevoegen aan zijn lijst: “Het spelpeil lag hoog, maar wij waren speltechnisch beter. Onze tikitakatactiek kwam à la belge tot stand en was spelbepalend. Met een sterspeller die Eden Hazard heet, kun je ook moeilijk verliezen: dan heb je paradijselijk geluk.”

Belgicismen
Zijn verliezende collega reageert verdedigend: “De spelleider liet te veel belgicismen toe. Onze tegenstanders hielden zich niet aan de spelregels, zelfs niet bij spelonderbrekingen. Door al die satanische spelverruwing werd onze spelvreugde getackeld.”

Bacchisch
Hazard: “Het woord sjlemazzel (pech of pechvogel, red.) staat inderdaad niet in mijn woordenboek. Wij hebben hun fouten in standaardspelsituaties afgestraft. Hun buitenspelval werkte ook niet. Over namen gesproken: de coach van onze tegenstander heet Bacchi en wordt Tite genoemd. Weet je wat bacchisch betekent? Krijg nou tieten! Met zo’n trainer word je geen wereldkampioen.”

Verbale acrobatiek van Vlaamse virtuoos

Opwijk 2018

De deelnemers voelden zich direct welkom in Opwijk.

door Bert Jansen  |  foto’s: Mireille Camps

Opwijk heeft nooit op mijn bucketlist gestaan. Zaterdag 9 mei was ik er dan ook voor het eerst. Je kunt niet zeggen dat deze vlek in de provincie bezwijkt onder de cultuurtoeristen, en ook het voorzieningenniveau gaf geen aanleiding tot applaus; zelfs een eenvoudige bloemisterij ontbrak in de Vlaams-Brabantse negorij, waar ik voor mijn gastvrouw een royale ruiker wilde aanschaffen. Noodgedrongen stelde ik mij dan ook maar tevreden met een paar cornetjes bonbons van de lokale Spar. Ondermaats, gezien de traktaties die mij later ten deel zouden vallen.

Aan de brievenbus van nummer 46 van Grootveld – de plaats van handeling – hing een briefje waarin de bezoekers aan het BeNeDictee (in alfabetische volgorde) welkom werden geheten. In de tuin met nauwgezet gemanicuurd gazon hadden de ambulante lexicofielen zich verenigd rond de uitnodigende ontbijttafel.

Opwijk 2018

De Zeeuwse afgevaardigde maakte er het beste van.

Reprise
Aan de ongedwongen kout maakte Herman alras een eind door ons uit te nodigen in zijn tot dictee(r)kamer getransformeerde salon. Eenieder van ons herinnerde zich nog het verbale geweld dat de Opwijkse woordacrobaat verleden jaar over zijn publiek uitstortte. Stond de dicteetijgers een reprise van die massacre te wachten? Met deze brandende vraag op de lippen liep menigeen de huiskamer binnen.
Herman, soeverein gezeten achter zijn lezenaar, declameerde zijn verhaal beschaafd, maar met licht regionale tongval die de Hollanders een enkele keer op het verkeerde been zette. Maar ja, de tijd dat de Vlamingen zich spiegelden aan de taal van het Noorden ligt definitief in het verleden. De strakke uitspraaknormen van weleer, toen Nederlanders ontboden werden om de Vlamingen te onderwijzen, zijn voltooid verleden tijd. Gelukkig maar. Nu hoeft men zijn afkomst niet meer te maskeren en mag men zijn taal kruiden met zijn eigen regiolect.

Opwijk 2018

De gezusters Ribbens (wit en blauw), Lizi van Vollenhoven en Herman Killens

Buitenaards
Evenals vorig jaar was ook dit jaar weer een buitenaards wezen de protagonist in zijn verhaal. En opnieuw vond hij inspiratie in zijn eigen streek. Was het verleden jaar Xavier die de hoofdrol speelde, deze keer was die rol weggelegd voor Antonius Rochus, een djinn uit het rijke geslacht van Spiritus.
‘Een geestige vertelling’, zoals Hermans verhaal luidde, voert ons naar de maïslanderijen in Droeshout, waar wij kennismaken met de verstokte vrijgezel Marcel. Verrassend genoeg hunkert Marcel – hoe verstokt hij ook is in zijn celibataire bestaan – er wél naar zijn metaforische postzegelverzameling te laten zien aan een schaars geklede schoonheid.  Hermans ongebreidelde fantasie laat daarop een geest (de eerdergenoemde djinn) uit een fles wijn ontsnappen. Deze staat Marcel toe drie wensen uit te spreken, geheel volgens artikel 72 van de Universele Geestenwet. De djinn had er een verre reis voor over gehad: eerst met de Vliegende Hollander, en vervolgens tjoeketjoeke met de couponnetjestrein naar het Groothertogdom Luxemburg. En dan nog à cheval op een kribbebijter. Een geheimzinnige truc met het getal van Avogrado was wel een conditio sine qua non om deze reis te volbrengen.
Voordat Marcel to the point kan komen, weidt de djinn nog uit over zijn familie: ‘Zo was mijn betovergrootvader een bekende ghostwriter, was mijn grammeer een parttimewicca (inderdaad een echte heks) en heeft mijn tante nu nog steeds een bloeiende toverstokjesshop-in-shop in Tadzjikistan. En o ja, mijn broer is percussionist in de skiffleband The Ghostbusters.’

Opwijk 2018

Smullen in de riante tuin te Opwijk.

Smakelijk en elegant
Daarmee was er een eind gekomen aan het eerste deel van de geestige vertelling. Een heuse cliffhanger! Tijd voor de lekkernijen uit de keuken van Mireille. Het was natuurlijk al wijd en zijd bekend: Mireille weet niet alleen haar plaats achter de camera, maar ook achter het fornuis. Zij had haar dicteegasten prachtige quiches, salades en toetjes voorgetoverd. Alles even smakelijk en elegant. Ook met vege-, pesco-, flexi- en andere tariërs was rekening gehouden. Zelfs de glutenvrijen kwamen in huize Camps aan hun culinaire trekken. Alles licht en vrolijk als een menuet van Boccherini. Gecorseerde wijnen en spannende lokale biertjes accompagneerden het gastmaal. Niets verbindt meer dan een dicteetje en de gezamenlijke maaltijd!

Na de lunch aan de rand van het zwembad werden ons dan eindelijk de drie wensen van Marcel gereveleerd. Zijn primaire wens – verstokte vrijgezel of niet – is een moordgriet. Natuurlijk geen nextdoor meisje of flapmadam. Zij verschijnt (bijna) subiet na een magische spreuk. Een paar van haar fysieke kwaliteiten: bevallige gazelleogen, blonde lokken, mollige wangen, een poederzachte huid, perfecte curvelijnen, superdecolleté, lange slanke antilopebenen. Voorwaar een beeld waarvan zelfs een rasgynofoob van zijn geloof zou vallen! Helaas blijkt Birgitte – haar naam, zoals de djinn verduidelijkt – ook wat minder fraaie trekjes in huis te hebben: ze blijkt een moeial, een dikke zaag en een bazig être. Ze wil dat Marcel zijn interieur – de hele sitsenwinkel, bric-à-brac en santepetie – duchtig onder handen neemt. Zelfs het gyproc plafond moet eraan geloven! Vervolgens dreigt ze ook nog dat haar moeder – een echte helleveeg – een week komt logeren.

Opwijk 2018

Elsie-Leen Ribbens, eerste helft

Via de E40
Nadat Birgitte ook nog zijn kredietkaart en autosleutels van tafel gegrist had, is voor Marcel de maat vol: hij wil van ‘dat serpent, d-d-die karonje’ verlost worden. Ook die tweede wens ging in vervulling. Misschien niet geheel volgens het boekje, maar toch … Nadat alle QL-lampen tegelijk aan- en weer uitgefloept waren, was Birgitte van de aardbodem verdwenen.

Zijn derde wens is klip-en-klaar: hij wil een grote schat met goud, zilver, briljanten, robijnen en smaragden. Zijn wens wordt weer zonder mankeren verhoord. Helaas echter niet zoals hem voor ogen stond. Nee, Marcels cyberbabe keert terug, behangen met gouden en zilveren sieraden, briljanten, robijnen en smaragden. De geest verdwijnt direct daarop met een niet-meetbare snelheid via Leireken en de E40 richting kust … Op weg naar een volgende tevreden klant.

Pastophoria
Om ex aequo’s uit te sluiten had Herman al op voorhand twee shoot-outzinnen voorgelezen, voor elk onderdeel een. Ze luidden als volgt: In de Byzantijnse absidiool, onder de apsiskalot en de imposante pantocrator en naast de pastophoria (die – dat is algemeen bekend – uit de prothesis en het diakonion bestaat), tekende Kepler een wiskundige abscis die de apsiden, de uiteinden van de planeetbaan, ap- en perihelium, approximatief weergaf. En: Chips!, tjiepte de met blue chips rijk geworden chief whip naar zijn hiphopchickie toen hij vanaf de teepeg een makkelijke chipshot miste tijdens de pitch-and-putt. Het lijkt mij niet al te boud te veronderstellen dat een toevallige passant direct een psychiater met spanlaken naar Hermans woonst zou ontbieden als hij deze zinnen had horen ventileren.

Opwijk 2018

Joost Verheijen en Gertjan Roels

Grand moment de gloire
De vraag stellen of Hermans dictee de reis waard was, is van dezelfde orde als de vraag ‘is de paus katholiek?’ Hebben we met Herman immers niet te doen met een gebrevetteerd schrijver, die nog maar zeer onlangs de Schrijfdag in Gent gewonnen heeft? Hijzelf noemde – in zijn bescheidenheid – zijn pennenvrucht een ‘petit moment de gloire’, maar wat mij betreft, beleefde hij met het tweede door hem geschreven BeNeDictee zijn ‘grand moment de gloire’.
Bij eerste lezing leek het een kinderlijk eenvoudig dictee. Maar – corpo di bacco! – wat zat het vol met wolfijzers en schietgeweren! Het begon al in de eerste alinea, waar gerept wordt van een boerderetje. Bij menige dicteetijger doemde direct de fermette op … en de twijfel sloeg toe. Zelfs een oud-winnares van het Groot Dictee der Nederlandse Taal ging hier in de fout en schreef boerderetteje. Mijn tienjarige buurmeisje schreef het later desgevraagd in één keer goed, terwijl zij triomfantelijk ‘makkie’ riep. Datzelfde gebeurde met flapmadam. De muizenissen die eraan voorafgingen voordat – doemetoch! – … flabmadam op papier kwam. Opnieuw typische bewijzen dat een surplus aan kennis je parten kan spelen.

Opwijk 2018

Dicteebabe Annemarie Braakman-Ven

Doemetoch
Herman had in zijn dictee niet de ‘moeilijke’ woorden de hoofdrol laten spelen (alhoewel je woorden als wagyubief, kuffiyyah, oenochoë en encheridion niet zo gauw in een middelbareschoolopstel zult aantreffen), maar had het meer gezocht in het moeilijkste aspect van de Nederlandse spelling, te weten het al dan niet aaneenschrijven. Ik telde er meer dan tien, zoals schaars geklede, zwaaralcoholische, fairy land, wijdverspreide, neverending, rood aangelopen en doemetoch, dat zelfs bij menige Vlaamse (Vlaming) als doeme toch geschreven werd. Overigens was niet alleen doemetoch van Belgisch-Nederlandse huize. Ik noem, onder andere: marcelleke, in een wip en een gauw, kine, nijg santepetie, gesjareld, gejost en camion. Maar nog geen begin van een klacht komt hierover over de lippen van deze Hollander. Integendeel, ik zal ze zo frequent mogelijk gebruiken en aldus trachten deze mooie woorden ingang te doen vinden in onze rijke – gemeenschappelijke! – taal.

De mooiste vondst? Ongetwijfeld deze op het eerste oog eenvoudige zinsnede: ‘… met schepen als – daar wil ik vanaf zijn – de Oost-, West-, noord- of Straatvaarder …’

Opwijk 2018

Tableau de la troupe

Van jonge jan en lange jan
Het wordt nu tijd de balans op te maken. De schade bleef in zoverre beperkt dat iedereen, de hekkensluiter incluis, erin geslaagd was meer dan de helft van de in te vullen woorden foutloos op papier te krijgen. Nochtans kregen de meesten van ons flink van jonge jan en van lange jan.
De eerste vijf plaatsen werden ingenomen door: Joost Verheyen (16 fouten), Rien Wisse (24 fouten), Elsie Ribbens (27 fouten), Rein Leentfaar (29 fouten) en Leen Ribbens (30 fouten). Gertjan Roels verraste met 40 fouten, waarmee hij een verdienstelijke middenpositie innam. Annemarie Braakman en ondergetekende eindigden met 52 fouten op een gedeelde zevende plaats. De rode lantaarns waren voor Lizi van Vollenhoven (53 fouten), Jozef Lamberts (56 fouten) en Dian van Gelder (59 fouten).
Winnaar Joost – in dicteekringen bekend onder zijn epitheton ornans ‘de kannibaal uit Paal’ – bleek nog niets van zijn vroegere glans verloren te hebben. De facile princeps nam minzaam lachend, als een boer die een hoefijzer vindt, zijn prijs in ontvangst.

Het Opwijkse BeNeDictee was het laatste dictee van het seizoen 2017-2018. Met recht een apotheose. Mocht de dicteeluwe periode heftige onthoudingsverschijnselen oproepen, dan raad ik aan contact te zoeken met de Stichting Korrelatie voor opvang en nazorg.

Utopia naar kwartfinale WK spelling

Door Rien Wisse, redacteur van De Spelt, je broodnodige dicteenieuws

Op het WK spelling in Absurdistan heeft Utopia zich geplaatst voor de kwartfinale. De spellers van schrijfcoach Jan Kalebas uit Bommelskonten upgradeden in de laatste spelminuut nog enkele faux pas, waardoor ze kantje boord wonnen van Luilekkerland.

De verliezende trainer-redacteur Jan de Rijmer klaagde over de dicteeschwalbes van de utopische supercrack Van der Hummes: “Die aanstelleritis heeft zo’n sterspeller toch niet nodig? Hij deed net alsof hij er niets van verstond, maar maakte ondertussen wel de minste fouten. Hij stond ook vaak voor onze aanvoerder Piet Snot, die daardoor afgeleid werd en opzichtig blunderde. En maar mekkeren tegen de jury. Wat een spelbederf: de verneymarisering van de dicteesport. Hij leek gekke Henkie wel.”

Van der Hummes stelde daar cruijffiaans tegenover: “Je bent net zolang gestoord tot je een genie bent. Spellen is simpel, maar simpel spellen is vaak het moeilijkste dat er is. Een dicteewedstrijd is een spel van fouten; wie de minste fouten maakt wint. Een van de 32 landen die deelnemen aan het WK wordt wereldkampioen. De andere niet, want die zijn er niet.”

Spelman: de dicteewebsite

Spelman leest een bericht over de dicteewebsite: die wordt niet meer actief gemodereerd. Zijn freudiaanse afweermechanisme brengt hem tot de gedachte: vast een canard of hoax. Maar als tot hem doordringt dat het menens is, rant hij als door een schroodbeitel getroffen: “Wat een execrabele jobstijding, een hideuze kloteannonce.”

Stante pede alarmeert hij zijn mededicteeaficionado’s: “Zo is er geen knijt te beleven. Meld u voor een column- of verslagbijdrage-inspanning. Beidt uw tijd, dan zal het goed komen.”

Hoopvol neemt Spelman zijn moeilijkewoordenlijst nog eens door. Op de achtergrond klinkt de band dEUS door de tweeters en woofers: Nothing really ends.