Vooruit, een kort dictee

Dicteetijgers saan het werk in Gent

Dicteetijgers saan het werk in Gent

door Herman Killens  |  foto’s: Giséla Dheedene en Mickey Verbeeck

Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen: ik heb een literaire prijs gewonnen. ‘De Nobelprijs?’, hoor ik u met oprechte interesse vragen. Ah, u ziet dus een Bob Dylan in mij. Terecht, want ik kan ook niet zingen.* Het antwoord is evenwel ontkennend, en ook de Prijs der Nederlandse Letteren, de Gouden Boekenuil en de Libris komen vooralsnog niet mijn richting uit. Ik merk het, ik heb u helemaal nieuwsgierig gemaakt. Ik zal het maar snel verklappen: de Schrijf Mee-trofee. Huh, de wat? Maar ach, u blijft beleefd belangstelling veinzen: ‘En is dat dan voor uw volledige oeuvre, of heeft u een nieuwe roman uit, een essay,  of een column misschien?’ Er verschijnt een lichte blos op mijn wangen: ‘Wel euh … eigenlijk maar voor één enkele zin’. Altijd klein beginnen, zei mijn grootmoeder.

Vekeman bis
Al voor de elfde keer (de tien vorige keren heb ik dus zitten suffen) organiseerden Creatief Schrijven vzw en de Stad Gent op zaterdag 2 juni een Schrijfdag in de Arteveldestad, een Festival van het Geschreven Woord. Een dagvullend programma met een hele reeks ronkende namen (tienduizendpoot Herman Brusselmans en singer-songwriter Hannelore Bedert bijvoorbeeld) en met workshops, lezingen, infosessies, speedcoachingsessies en pitches bij uitgevers. En met weken vooraf een wedstrijd: vul een verhaal van bekende schrijvers aan met een eigen topvervolgzin.

Ik was dan ook heel erg verrast en blij dat mijn, nu ja, creatieve creatie door Peter Verhelst – jawel, vanaf nu mijn favoriete auteur – opgepikt werd. Of ik mijn prijs kon komen afhalen tijdens een slotshow op de Schrijfdag? En in een enkele moeite werd ik dan maar meteen voor de hele dag uitgenodigd inclusief – belangrijk voor de Belg in mij – de afsluitende receptie in de Gentse Vooruit (nu de bekende cultuurtempel, vroeger het socialistische bolwerk).

Even bladeren in het programma. Helaba, blijkt er tussen die sessies zowaar ook een ‘Spoedcursus spelling’ (door Valerie Eyckmans) en – nu komt het, tada**– een Kort Dictee der Nederlandse Taal plaats te vinden! Enne, de schrijver van dat dictee is oude bekende Christophe Vekeman. Zoals hij zelf aangeeft bij de start van het dictee: schrijver van 15 romans en 2 dictees. Bij dat vorige dictee (het Hautekietdictee in de Brusselse Senaat – zie het sublieme verslag van Bert Jansen – kreeg hij de smaak van het dicteeschrijven te pakken. Bovendien won hij ooit het Groot tv-dictee, weliswaar bij de prominenten. En in 2015 las hij een dictee van Randy van Halen voor op de campus van de KU Leuven te Brussel.

Zoals gewoonlijk had dicteetijger Rein L. het evenement goed verborgen weten te houden voor zijn concurrenten uit Nederland.

Zoals gewoonlijk had dicteetijger Rein L. het evenement goed verborgen weten te houden voor zijn concurrenten uit Nederland.

Een lang Kort Dictee
Na een ochtendcursus reisliteratuur arriveer ik precies op tijd in de zaal … ‘De Laatkomer’ in het futuristische bibliotheekgebouw De Krook (een ‘krook’ is een bocht in de Schelde). De belangstelling voor het dictee is niet bijzonder groot – zeker al niet in verhouding tot de druk bijgewoonde sessies in de andere zalen. Maar de kwaliteit is er wel: de masters of spelling Christiane Adams, Raf Coppens en Rein Leentfaar zitten op de voorste rijen al met pen en papier klaar voor de strijd.

In Gent zien ze het dus mini. Na het jaarlijkse Klein Dictee (in het gezellige café de Hotsy Totsy) nu het Kort Dictee.*** Alhoewel. ‘Het is wat uit de hand gelopen’, excuseert Christophe zich niet zonder ironie, ‘het Kort Dictee is uiteindelijk langer uitgevallen dan het Groot Dictee.’ Het dictee is volgens hem ook een mijlpaal: voor de allereerste keer in de geschiedenis van de mensheid vindt er een Kort Dictee der Nederlandse Taal plaats! Christophe voegt er nog aan toe dat hij enkel in Van Dale heeft gekeken; het Groene Boekje wordt voor een dag aan de kant geschoven. En VRT-taalgoeroe Ruud Hendrickx heeft de tekst helemaal nagekeken. Verzet is dus bij voorbaat overbodig, of het zou uit de buurzaal De Twistappel moeten komen.

Ollekebolleke knol
Straks om 14 uur moeten we het lokaal uit om plaats te maken voor een volgende sessie. Christophe Vekeman, zoals gewoonlijk met puntschoenen en cowboyhoed, zet er dan ook meteen een flinke vaart achter, waarbij hij de wanhopige blikken en de schrijfkramp van de deelnemers met enig leedvermaak negeert. Het typisch spitsvondige gedachtespinsel en taalspielerei van Vekeman draagt de titel Ik ben een zielenpiet. Die ik-figuur klaagt dat het met hem van kwaad naar erger gaat sinds zijn geestesdokter – geen lacaniaanse psychoanalyticus maar een gestalttherapeut – ten prooi gevallen is aan een burn-out. Dat ‘kwaad’ betekent dan drie glazen rioja met szechuanpeper nuttigen voor ontbijt, gevolgd door een combinatie van falafel, pâté de foie gras en pateekes om te ontnuchteren, terwijl het ‘erger’ inhoudt dat hij lapalissades op volleborstvolume declameert als reactie op de pokkenherrie van stonerrock uit StuBru dat uit de boxen van de buren komt gebast.

Een fraaie tekst, maar echt supermoeilijk is die niet voor de aanwezige tijgers. Al moet ik wel bekennen dat ik bijvoorbeeld nog nooit van lacaniaans, patjakkers, prolurken en spetsnel had gehoord. En vast niet iedereen zal het fantastische aftelrijmpje ‘Ollekebolleke, rubisolleke, ollekebolleke knol’ foutloos hebben neergepend. O ja, of we even ons gsm-nummer op het opgavenblad willen noteren?

Auteur, BV en dictee-expert Christophe Vekeman

Auteur, BV en dictee-expert Christophe Vekeman

Petit moment de gloire
Om kwart over drie komt op een terrasje op de Graslei de verlossende sms. Bingo! Achteraf blijkt weer eens te meer hoe spannend het was: 1. Herman 3 f, 2. Christiane 4 f, 3. Rein 5 f, 4. Raf 7 f. Je komt in Vlaanderen wel vaker dezelfde namen tegen, aangevuld met onder meer Gentenaar Frans Van Besien (deze keer verhinderd), maar steeds in wisselende volgorde. O ja, de volgende deelnemer in de rangschikking had 15 rode streepjes.

De slotshow in de bomvolle Theaterzaal is verbluffend: vooral Tom Lanoye maakt indruk met een geweldige voorleessessie, inclusief begeleidende muziek, uit zijn recente roman Zuivering. Of hoe hij het publiek magistraal in de ban houdt met een verhaal over een haan en een stotteraar. En ook het optreden van de Zuid-Afrikaanse zanger-gitarist Stefan Dixon zorgt voor een emomoment. Hij brengt enkele intimistische songs, waaronder een Afrikaanstalige versie van het nummer Mia van de drie jaar geleden overleden Gentse publiekslieveling Luc De Vos. Super!

Kleine zin en kort dictee, dus dan is mijn petit moment de gloire aangebroken: vlak na Christophe Vekeman en Tom Lanoye mag ik het podium op om twee keer gehuldigd te worden. Tussen de stapels prijzen ontdek ik mijn door Christophe gesigneerde en ingelijste dictee. Die trofee krijgt gegarandeerd een prominent plaatsje thuis. En driewerf hoera … mijn fouten staan aan de achterkant.

*   Voor een goed begrip, ik ben een grote fan van good old Bob
**  In april 2018 voorlopig toegevoegd aan Van Dale
*** Tijdens de slotsessie werd het dan toch weer tot Klein Dictee omgetoverd …

Mannen overtuigen bij Utrechts Studentendictee

Utrecht 2018

Jaron van den Berg

door Maaike Hamming  |  Foto’s: DUB

Jaron van den Berg, student sociale wetenschappen, is met slechts tien fouten de duidelijke winnaar van het vijfde Utrechts Studentendictee. Uit handen van presentatrice Sofie van den Enk ontving hij een cheque van 500 euro.

Het dictee is een initiatief van Taleninstituut Babel, in samenwerking met DUB (Universiteit Utrecht) en Trajectum (Hogeschool Utrecht). Een recordaantal deelnemers kwam donderdagavond 3 mei bijeen in de aula van het Academiegebouw aan het Domplein in Utrecht; maar liefst 101 studenten namen deel. Redenen om mee te doen liepen uiteen van een weddenschap tot aan ‘intellectueel masochisme’. Juryvoorzitter en schrijver van het dictee Peter J. van Dijk gaf vooraf aan dat het een uitdaging is elk jaar én een moeilijk dictee (“je wilt geen zeven winnaars”) én een verhaal met een moraal te schrijven. “Maar het is ook dit jaar weer gelukt,” verzekerde hij de aanwezige studenten.

Eigen ervaring
De studenten streden niet alleen tegen elkaar, maar ook tegen zeven prominenten van de Universiteit Utrecht en de Hogeschool Utrecht. Het dictee werd dit jaar voorgelezen door presentatrice en programmamaakster Sofie van den Enk. In 2014 deed zij zelf mee aan het Groot Dictee der Nederlandse Taal. Uit eigen ervaring tipte zij nog snel voor het begin: “Je moet verrassend veel aan elkaar schrijven!”. Van den Enk las het dictee met aandacht, plezier en humor voor. Bij de eerste zin ging een golf van verontwaardiging door zaal; de toon was gezet. Af en toe werd er gelachen, maar het was voornamelijk muisstil in het Academiegebouw. Woorden als in-vitrogametogenese en belle époque eisten dan ook de volle aandacht van de driftig pennende zaal.

Utrecht 2018

Sofie van den Enk dicteert het Utrechts Studentendictee

Mannen
De beste speller van de avond maakte indruk. Jaron van den Berg won met slechts tien fouten, terwijl het gemiddelde 32 fouten bedroeg. De nummer twee van vorig jaar, Ben Kapitein, deed voor de derde keer mee, en werd wederom tweede met 16 fouten. De top drie bestond dit jaar voor het eerst uitsluitend uit mannelijke studenten. Tialda Sikkema (docent schrijfvaardigheid bij het Instituut voor Recht) was met 23 fouten de winnaar onder de prominenten. Gemiddeld scoorden de studenten beter dan de prominenten. De universitaire studenten maakten gemiddeld 32 fouten, de prominenten 34. Hogeschoolstudenten bleven wat achter met een gemiddelde score van 44 fouten. Dit jaar bleven de mannen de vrouwen net voor met een gemiddelde score van 31 tegen 33. Diergeneeskunde was met een gemiddelde van slechts 19 fouten de best scorende faculteit.

De woorden die vaak verkeerd geschreven werden, waren: degoutant (wansmakelijk) en litecoin. De nakijkers zagen dat veel deelnemers ‘degoutant’ hadden veranderd in ‘debutant’. Litecoin werd daarnaast door vrijwel iedereen als ‘lightcoin’ geschreven. Het slechtst gemaakte dictee bevatte 94 fouten.

Voor meer informatie en alle statistieken kunt u terecht op www.babel.nl/dictee of op de Facebookpagina.

Oudewaters dictee was goed te doen

Oudewater 2018

Aad Kuiper en Werner Joosten deelden de tweede prijs.

door Aad Kuiper  |  Foto’s: Huib Boogert

Zoals door de schrijvers toegezegd was het Oudewaters dictee 2018, georganiseerd door de plaatselijke Rotary, inderdaad goed te doen, maar toch nog lastig zat om het iedereen een beetje moeilijk te maken. Met 48 deelnemers en de nodige organisatoren en hulp was het gezellig druk in de Mariaschool en de opbrengst van ruim 700 euro voor een minibieb of boekenuitleenkastje mocht er dan ook zijn. Een welkome verrijking voor Oudewater, zeker voor liefhebbers van taal.

Voordat het officiële gedeelte begon was het een geroezemoes vanjewelste in de aula van de Mariaschool. Onder de deelnemers bleek zich een groot aantal ‘dicteetijgers’ te bevinden die regelmatig stad en land afreizen om dictees te maken; een bijzondere, maar wel heel leuke hobby. Bert Jansen – niet de dicteetijger, maar de voorzitter van de Rotary Oudewater – was blij met de grote opkomst. Acht teams hadden zich ingeschreven, waaronder twee ‘tijgerteams’. Piet Smits, voormalig directeur van de Mariaschool en ceremoniemeester, richtte zijn welkomstwoorden in het bijzonder tot de ‘dicteetijgers, die hij als als ‘landelijke coryfeeën’ omschreef en de jongste deelnemer, Jasmijn (9) en de oudste, mevrouw Kramer, van wie we de leeftijd niet zullen onthullen. Smits roemde de Facebookoefencampagne van de schrijvers van het dictee, Koos Splinter en Franka Melis en juryvoorzitter Han Bovens. Deze laatste leidde zijn taak op bijzonder ludieke wijze in, als een soort predictee. Sigrid Hooftman, Rotary, legde de spelregels uit.

Oudewater 2018

De jongste deelneemster: Jasmijn, negen jaar oud

Muisstil
En toen werd het muisstil. Marga Smits las het dictee, zoals nu al voor de vierde keer in het juiste tempo en met de goede intonatie voor. Lange tijd hoorde je niets dan voorlezen, want pennen krassen tegenwoordig niet meer. De dictees werden opgehaald en weer uitgedeeld, maar dan aan anderen en het gezamenlijk nakijken werd gestart. Hier en daar volgde, zoals altijd, enige discussie over de schrijfwijze van woorden, maar die werd steeds op prettige wijze gepareerd.
Vervolgens was het de beurt aan de jury om de hand te leggen aan de laatste correctieronde en de winnaars uit te zoeken, terwijl de deelnemers zich onder het genot van een glaasje konden ontspannen. Sigrid Hooftman maakte bekend dat het kleinste aantal fouten twee was, het grootste aantal 42 en dat het gemiddelde op 21 uitkwam. Inderdaad is ook dat laatste niets om je voor te schamen. Piet Smits bedankte iedereen en beaamde, samen met eerdergenoemde Bert Jansen, dat de schrijvers niets te veel hadden gezegd: het viel best mee!

Oudewater 2018

Jeroen van Heemskerck Düker is blij met zijn tweede zege in Oudewater

Uitslagen
‘Tijgerteam’ Ars recte scribendi, bestaande uit:

  • Jeroen van Heemskerck Düker, Naarden
  • Rien Wisse, Breda
  • Huib Boogert, Goes
  • Dian van Gelder, Zoetermeer
  • Frans Van Besien, Gent

Het team won met gemiddeld slechts 5 fouten per persoon en verdiende daarmee een fles wijn en een bootreisje met de lokale Geelbuik. Tweede in de tijgerklasse werd het team De Woordenaars. De teamleden scoorden met 5,3 fout gemiddeld net iets minder goed. Dit team bestond uit:

  • Bert Jansen, Bussum
  • Randy van Halen, Dordrecht
  • Pieter van Diepen, Leiden
  • Annemarie Braakman-Ven, Aalsmeer
  • Marissa van Vliet, Nederhorst den Berg
Oudewater 2018

Het winnende team ‘Taal is zeg maar echt ons ding'; rechts individueel winnares Nina Splinter

Lokaal won van de zes deelnemende teams Taal is zeg maar echt ons ding, met een gemiddelde van 14 fout. Individueel was de rangschikking in de tijgerklasse als volgt: ex aequo op 3 Huib Boogert en Bert Jansen (geen familie) (4 ft), op 2 Rien Wisse (3 ft) en op 1, net als vorig jaar, Jeroen van Heemskerck Düker.

Lokaal kwam op 3 Frances van Gool (11 ft), op 2 Werner Joosten (winnaar van het Woerdens Dictee 2016) en Aad Kuiper (wel dezelfde als de schrijver van dit stukje; 10 ft; en wat mijzelf betreft zaten daar ook nog wat behoorlijk stomme fouten bij!) en op 1 de lokale heldin Nina Splinter met slechts 9 fout.

Carnavaleske toestanden in Ojlst

Aalst 2018

Het ontvangstcomité in Aalst

door: Herman Killens  |  foto’s: HoGent campus Aalst – Handelsschool Aalst

Er zijn tegenwoordig nog weinig dictees in Vlaanderen maar als er al eens eentje plaatsvindt, zijn we paraat. Zeker als de dicteestad een buur is van mijn thuisdorp Opwijk (al behoren ze niet tot dezelfde provincie). Aalst – dat wordt in het plaatselijke dialect Ojlst of zoiets – kennen we vooral als ajuinenstad, van de schrijver Louis Paul Boon en van priester Daens, van het belfort en vooral van het zeer populaire jaarlijkse carnaval.

En binnenkort misschien ook van het dictee, georganiseerd door – dit is een dicteeopgave, jongens en meisjes – de Scholengroep 19 Dender en GO! De Handelsschool. Voor de presentaties van de dictees hebben ze zowaar verschillende BV’s aangetrokken: cabaretier Bert Kruismans, actrice Joke Devynck en journalist Bart Verhulst. En ook de prijzen zijn niet min. Bij de ‘vanaf 18-jarigen’ liggen er voor de top drie onder meer een rollerballpen van 400 euro, een horloge van 150 euro en een boekenpakket van 100 euro te wachten. Telkens aangevuld met een hele reeks andere chique prijzen. Het valt bijna niet te tillen. En daarnaast zijn er – logisch voor een Groot Dictee van de Scholengroep – ook nog drie jeugdcategorieën (tot 10 jaar, 10 tot 14 jaar en 14 tot 18 jaar) met al even sublieme cadeaus. Tien ‘troost’prijzen (nu ja: ice watches, boekenbons, …) vervolledigen de prijzentsunami. En ook de VRT komt filmen. Maar liefst 103 kinderen en 38 volwassenen melden zich aan.

Een topper, toch?

Aalst 2018

Fotosessie voor de wedstrijd in Aalst

Appeltje-eitje
Over de tekst voor de volwassenen kunnen we echter kort zijn. Die is (zo blijkt achteraf tijdens de nazit) een exacte kopie van het beginstuk van het Portaelsdictee in Vilvoorde van 24 november 2017, geschreven door Jan Deroover. Vreemd. Maar uiteraard wel een appeltje-eitje voor de meeste aanwezige toppers want die waren er toen ook … maar ja, niet iedereen. Ikzelf was toen bijvoorbeeld voor enkele weken in het buitenland. En ook Robert Joosen was er niet. Een dictee met twee snelheden.

Een afknapper, dus.

En de uitslag? Op nummer 1 Robert Joosen (3 fouten), op twee Herman Killens (4 fouten). Zo noteer ik het toch.

Voorkennis
Tja, zo werkt het niet. Die arme organisatoren hebben helemaal geen weet van die ruime voorkennis en klasseren Rein Leentfaar (zie de in november vorig jaar integrale geannoteerde tekst op zijn blog) als winnaar met ook drie streepjes en Frans Van Besien als derde met net als ik vier rode markeringen. Een beetje veel onrecht, hoor ik u zeggen? Inderdaad, en ik voel vooral veel plaatsvervangende schaamte. Het lijkt mij evident dat velen (onder wie ikzelf) in een identieke situatie hun onterechte podiumplaats en prijs zouden afgestaan hebben. Of eigenlijk gewoon niet zouden deelgenomen hebben (door hun opgavenblad niet in te leveren).

Quod non. Niet iedereen blijkt even integer te zijn. Het zij zo. Daarom: kan iemand mij al de teksten van Zoetermeer bezorgen … ?

Krobiya’s en rowti’s in Sluis

Sluis 2018

Het beeld van Johan Hendrik van Dale in Sluis.

door Bert Jansen

Lasciate ogne speranza, voi ch’entrate’ ofwel ‘Laat alle hoop varen, gij die hier binnentreedt’, het opschrift dat de toegang tot de hel siert in Dante Alighieri’s Divina Commedia, zou zaterdag 7 april 2018 niet misstaan hebben boven de ingang van het belfort van het Zeeuwse Sluis; daar werd die middag namelijk het eerste Johan Hendrik van Dale Dictee gehouden en de auteur van het dictee was Johans provinciegenoot, de kathaarse Rein Leentfaar.

Op de terrasjes van Sluis miegelde het van de toeristen en het was verleidelijk te pogen daar ook een plaatsje te vinden, maar ik had mij nu eenmaal gecommitteerd aan het bezoek aan Reins feestje. Ondanks die concurrentie met de zonovergoten schabelletjes kon Rein toch nog 35 bezoekers verwelkomen, onder wie negen usual suspects, van wie zes uit Vlaanderen en drie uit Nederland. Er stapte ook nog een verdwaalde toerist het oudeeuwse raadhuis binnen, en wel met de intentie de toren te beklimmen, maar toen hem gevraagd werd of hij met het dictee mee wilde doen, keek hij verschrikt op en keerde hij schielijk op zijn schreden terug. Hij ontsnapte ternauwernood aan een veertiental bizarre zinnen.

Sluis 2018

Wim Eggermont trad op als Johan Hendrik van Dale, mét woordenboek.

Stand-in
Hoewel Johan Hendrik van Dale, onze betreurde held die zijn naam gaf aan het dictee, al vanaf 1872 de tuin op zijn buik heeft, was hij tóch aanwezig, en wel in de gedaante van Wim Eggermont, die voor de gelegenheid als zijn stand-in fungeerde. Het dictee werd voorgelezen door Marga Vermue, de burgemeester van Sluis. Zij had zich laten strikken de veertien onmogelijke zinnen voor te lezen. Niemand zal het haar dan ook euvel geduid hebben dat ze er af en toe haar tong over brak.
Welnu, na deze opmaat zijn we wel voorbereid op een paar zinnen en woorden die de zwervende Zeeuw uit zijn woordentas had opgediept.

Knock-out
De eerste zin was direct raak en betekende voor menig liefhebber een technisch knock-out: men ging weliswaar nog niet tegen het canvas – eeuwenoude plavuizen, in dit geval – maar was wel al dermate groggy dat men de volgende zinnen slechts enigszins afwezig aanhoorde. Hij luidde: ‘Beeld u eens in: u bent lexicograaf en u mag een dictionaire samenstellen: een statig in boxcalfs gebonden goud op snee boek.’ Het oog van de oplettende lezer zal hier direct blijven haken achter de eerste zinsnede: inderdaad, ‘zich inbeelden’ is een zogenaamd ‘verplicht wederkerend werkwoord’, wat impliceert dat het niet zonder het wederkerend voornaamwoord kan. De auteur had zijn faux pastje op de valreep ook al gezien, maar het laten staan opdat men zou zien dat ‘u’ hier níét het onderwerp van de zin is. Het bleek menigeen inderdaad te zijn ontgaan. Toch een leermoment dus …
Na de tweede zin zakte bij menigeen de moed volledig in de schoenen: ‘Voor u de kans om achterhaalde archaïsche woorden als ‘desniettegenstaande’ en ‘archeopteryx’, de jurassische vogelsoort, in de vergetelheid te doen geraken!’ Als ík lexicograaf was, zou ik dergelijke woorden echter opnemen om ze juist niet in de vergetelheid te doen geraken, maar dit terzijde. Daarna volgden er nog acht van dergelijke zinnen, met woorden als vélocipède, per pedes apostolorum, graue Eminenz, gillesdelatourettesyndroom en bechterew.

Even ingedut
De vier laatste zinnen waren voor de dicteetijgers, maar moesten ook door de liefhebbers geschreven worden om in geval van ex aequo’s de rangorde te kunnen bepalen. Een paar woorden uit het laatste blokje mogen in dit verslag niet ontbreken: krobiya, markusa, rowti, baithak gana, adhan, woedoe, dhuhr, fajr en maghrib. In de laatste zin ontwaarde ik een heuse ‘dubbelopper’: ‘In scherp contrast daarmee stonden de wiegendrukincunabelen’ – een typisch voorbeeld van Homerus die even was ingedut.

Ik weet het niet zeker, hoor, maar zou onze held zich op die zonnige aprilmiddag niet een paar keer in zijn graf hebben omgedraaid? Zou hij niet vermoeden naar Verweggistan te zijn gekatapulteerd?

Sluis 2018

Auteur Rein Leentfaar

Elementaire deeltjes
Dankzij taalwetenschapster (moet dat niet taalwetenschapper zijn?) Soeke Teenzuyt (zie het artikel van Rien Wisse, redacteur van De Spelt, op deze site) heeft Sluis, het embryonale stadium nog maar nauwelijks ontgroeid, al direct geschiedenis geschreven: er werden immers de lang gezochte dicteedeeltjes ontdekt! Die elementaire deeltjes – vooralsnog teenzuytdeeltjes genoemd – als en en waren in het Sluise dictee ruim voorhanden.

De meesten van de 35 schrijvers in het belfort bleken een paar maten te klein voor Reins verbale capriolen. Dat gold niet alleen voor de liefhebbers; ook doorgefourneerde Groene Boekjeadepten moesten in Sluis de witte vlag hijsen. De ongenaakbare lion du jour was Robert Joosen. Hij haalde de eindstreep met het onmogelijk geringe aantal van twee fouten! Wij kennen hem als de meest eerbare man van Vlaanderen en omstreken, maar bij anderen, die niet het geluk hebben regelmatig in zijn schaduw te mogen opereren, hem van haar noch pluim kennen, kan licht de gedachte postvatten dat de brave industrieel ingenieur in ruste een vernuftige device in zijn frontale kwab heeft laten implanteren waarmee hij ongezien door de Dikke kan bladeren. Hij en Herman Killens – die slechts acht fouten maakte – degradeerden namelijk het peloton tot zebedeussen. Christiane Adams wist, met 13 fouten, de afstand tot de koplopers nog enigszins te beperken, wat ook Felix Heymans (16 fouten) nog aardig lukte, maar meine Wenigkeit (19 fouten) al een stuk minder.

Sluis 2018

Matthias de Vries, geschilderd door J. H. Neuman

Vaderlandsch karakter
De absolute klasse van onze immer bescheiden en minzaam lachende Kalmthoutse vriend is in Sluis in beton gebeiteld. Zonder echter iets aan zijn jaloersmakende prestatie af te doen, zou ik graag de vraag opwerpen: moeten wij al die wonderlijke woorden ook opnemen in ons Nederlandse woordenboek? Is het toelatingsbeleid niet al te ruimhartig? Glad ijs natuurlijk, want hier komt ook de politiek om de hoek kijken.
Matthias de Vries (een van de auteurs van het Woordenboek der Nederlandsche Taal) noemde taal de ‘afspiegeling van ons vaderlandsch karakter, het merkteken van ons volksbestaan, band en pand onzer nationaliteit’. Nu weet ik wel dat dit een typisch negentiende-eeuwse opvatting is – en dat we de taalkundige luiken al lang geleden naar de wereld hebben opengezet –, maar de vraag blijft nochtans knellen.

Niemand die mij ook maar even kent, zal mij van taalpurisme beschuldigen, maar naar mijn mening dienen woorden, alvorens opgenomen te worden in het woordenboek, enigszins geworteld te zijn in ons taalgebruik. Ik vraag mij in gemoede af of dat met woorden als krobiya (een vis), rowti (een vogeltje), dhuhr en fajr (gebeden waarnaar God niet, maar Allah wél schijnt te luisteren) wel het geval is. Zoals ik mij ook afvraag via welk transliteratiesysteem de Arabische woorden zijn omgezet naar ons Latijnse alfabet. Hoe komen we aan die bizarre spellingen? Die zijn toch volledig losgezongen van de uitspraak? En een van de eisen die aan een transliteratie worden gesteld is toch dat een woord als vanzelf correct wordt uitgesproken?

En nu maar hopen dat deze nabrander niet uitgelegd wordt als de kritiek van een slechte verliezer. En, o ja, Sluis verdient een Tweede Johan Hendrik van Dale Dictee!

Fiebelefors naar BeNeBonheiden

Bonheiden 2018

De sfeer in Bonheiden was uitstekend.

door Herman Killens  |  foto’s: Raf Coppens en Herman Killens

Hieperdepiep hoera, de BeNeDicteehuiskamercompetitie anno 2018 gaat eindelijk van start. We bevinden ons in een royale zonovergoten en vogelrijke tuin van een chique villa langs de Mechelsesteenweg in Bonheiden. ‘We’, dat zijn behalve uw trouwe dicteepenny-a-liner ook nog Bert Jansen, Birgit Kuppens, Dian van Gelder, Raf Coppens, Rein Leentfaar, Rien Wisse, de ravissante gastvrouw Marie-Louise en de enthousiaste gastheer Jozef Lamberts. O ja, Marlies Vervloet komt straks nog langs. Eerst nog even de tweeling droppen bij de kinderoppas van de dag. Geloof me: met zo’n moeder worden die later onklopbaar! En dan schuift er nóg iemand aan, de aangekondigde verrassing: niemand minder dan – retteketetsjingboem – de bekende Vlaming Ruud Hendrickx, VRT-taaladviseur en samensteller van de Dikke Van Dale. Hij komt vandaag de dicteetekst voorlezen, wauw! Schuif die woordenboeken opzij, we kunnen het nu aan de maker zelf vragen …

Bonheiden 2018

Birgit Kuppens en Ruud Hendrickx.

Papieren versies
Ondertussen worden we door Marie-Louise uitvoerig verwend met koffie, thee en andere drankjes en een verkwikkend ontbijt uit het vuistje. De zomerse temperaturen (25 plus) en de gezellige sfeer onder gelijkgestemden laten ons eeuwig en drie dagen wegdromen … tot we bruusk uit onze slaap gerukt worden omdat Ruud in de veranda klaarstaat met het eerste deel van de dubbeltekst. Die is van de hand van Jozef Lamberts, zelf winnaar in 2001 van het twaalfde Groot Dictee der Nederlandse Taal op tv en auteur van twee aartsmoeilijke Davidsfondsdictees in 2005 en 2006. Dat belooft!

Verrassing twee: enkel de papieren versies van Van Dale en het Groene Boekje komen vandaag in aanmerking. Iedereen die dus hard gestudeerd heeft op nieuw toegevoegde woorden is eraan voor de moeite. En Jozef heeft nog een surprise in petto: het is een combinatie van een volledig en een invuldictee. We moeten namelijk wel de volledige tekst opschrijven, maar enkel de fouten in 2 x 80 door Jozef vooraf gemarkeerde woorden (die wij niet vooraf kennen) tellen mee. En – even vooruitlopen op de tekst – dat zorgt wel voor onverwachte fouten. Dan doe je je best om woorden of woordgroepen als Christusmonogram of wit laqué boekenplanken correct neer te pennen maar blijkt het invulwoord het onopvallende mad (en niet mat) te zijn, in twee zielenherders die hun mad wel konden maaien. Goed gevonden!

Bonheiden 2018

Dicteereus Rein Leentfaar in een karakteristieke pose.

Blikkendinsdag
Met een glasheldere stem en een – uiteraard – feilloze uitspraak gidst Ruud ons door de fraaie tekst van Jozef, met als titel ‘Een cruise van Amsterdam naar Venetië’. Een persoonlijk waargebeurd verhaal van Jozef, al dan niet hier en daar wat op trumpiaanse wijze aangedikt.
Een cruise. Dan denk je meteen: heerlijk achterover leunen, plons in het zwembad op het bovendek, wat cultuur opsnuiven op de stopplaatsen, culinaire verwenning. Wel, dat valt nogal tegen. Integendeel: wat een verschrikking lijkt het me, die boottocht. OK, het begint nog lyrisch:

Het was blikkendinsdag, drie dagen na Epifanie. Het ms Koningsdam, dat door de scheepsschilder zwart-wit geschilderd was, was net terug van een cruise naar de Caricom-landen. Bij een dreigende ruisdaellucht verliet het nu de haven van Amsterdam richting de dogestad.

Bonheiden 2018

Spellingexperts in gesprek tijdens de lunch.

Strandlopers en Cetti’s zangers
Aan boord schrikken we al meteen op. Er is geen gewoon meubilair aan boord, neen, wel een bonheur-du-jour, ingekaderde Lloyd’s-patenten en gueridons. Ondertussen cirkelen er vervaarlijke Kuhls pijlstormvogels, Temmincks strandlopers en Cetti’s zangers rond ons hoofd (en dan mogen we nog van geluk spreken dat de sabaku’s en pipa’s enkel in Sao Tomé en Principe voorkomen). De medepassagiers kunnen we ook al maar beter mijden: een naar boldoot ruikende überchick uit de Spaarnestad, een meisje van drie zesjes, een lamijnende Tyrolienne,  een burschikose berg-Schot en jolie-laides die er angeheitert uitzien. Vooral daar die dan ook nog lastig te schrijven objecten en kleren dragen als een cabretleren reticule, mitaines, een pillbox met een groen brideje, queenies en een paletot.

Even tot rust komen in onze kajuit? Vergeet het maar. Tapis-plain, schilderijen in chiaroscuro, lampadaires tussen de lits-jumeauxs, chiffonnières, récamiers en secretaires alom. Bij het aanmeren worden we orthografisch belaagd door chouans, Guinee-Bissause muzikanten met hun chitarrones en teorben, ‘ndranghetisten en door een lierenman die juist gemanst heeft. Of worden we de dansvloer opgetrokken om een bourree, malagueña of seguidilla te demonstreren.
Zelfs de menukaart in het restaurant (white tie verplicht) biedt geen soelaas: baisers, berliner- en Bossche bollen, een sémillon, een caffè macchiato, een daiquiri en een caipirinha met cachaça liggen zwaar op onze spellingmaag. En als we dan – Madonna della misericordia aanroepend – de handen ten hemel strekken, zien we vol ontzetting het Hoofdhaar van Berenice opduiken …

Bonheiden 2018

‘Engelin-doet-al’ Marie-Louise bedient haar gasten in Bonheiden.

Spanning troef
Gelukkig kunnen we tussenin even pauzeren, zuchtend onze eigen hoofdharen uittrekken en – vooral – lunchen. Engelin-doet-al Marie-Louise serveert soep en pizza’s. Voortreffelijk. Het kan niet anders: de hemel moet ongetwijfeld ergens in de omgeving van Bonheiden liggen. Ondertussen verbetert Jozef de ochtenddictees eigenhandig, en handig houdt hij de scores geheim tot na het tweede dictee. Een goede zet: spanning troef.
Maar ook na het tweede deel van het dictee blijkt dat we het er met zijn allen prima van afgebracht hebben. Zowel voor als na de middag wordt er gemiddeld een mooie score van 55 op 80 (lees: slechts 25 fouten per persoon) genoteerd, toch wel een bewijs dat de deelnemers aan deze competitie hierdoor continu bijleren en ervaring opdoen.

Prijzentafel
En ja jongens, wat een prijzentafel in de woonkamer. Jozef heeft een pak sponsors weten te overtuigen zodat we allemaal met twee mooie boeken of dvd’s naar huis kunnen trekken. Time for homemade tiramisu from Marie-Louise!!! Meer tekst en uitleg hebben we niet nodig: wij dus fiebelefors terug naar buiten.

O, en de einduitslag? Ach, wie is daar eigenlijk nog in geïnteresseerd bij een ijsgekoelde Westmalle in de namiddagzon met dit gezelschap. Ik zal die resultaten bij gelegenheid wel eens verklappen.

Bonheiden 2018

Bert Jansen ontspant zich in de riante tuin van Jozef Lamberts.

Veranda
Super: Jozef is zo tevreden (behalve dan over het aantal deelnemers – onder meer door enkele late annulaties) dat hij nu al een datum voor volgend jaar geprikt heeft: zaterdag 27 april, maar deze keer in de Zevenster in Schilde, met een nog grotere veranda (hint) en nu op nog kortere afstand voor de Nederlanders (hint hint). Gaat overigens enkel door als er minstens twaalf deelnemers zijn. Allen daarheen zou ik zeggen. Net als naar het volgende BeNeDictee in Sweet Lake City Zoetermeer, bij Dian op 26 mei (zie kalender). Twee weken later sluiten we het voorjaar af met een BeNeDictee in Opwijk (ontvangst door Mireille en uw Chinese vrijwilliger op 9 juni).

Heel erg bedankt, Ruud, Marie-Louise en Jozef, voor die voortreffelijke BeNeErvaring. Een staande ovatie. BeNe est!