Sweet BeNeDictee City

zoetermeer

De Dorpsstraat van Zoetermeer. Foto: Edwin Brugman

door Herman Killens

Oei, Zoetermeer, ik had er nog nooit van gehoord. En nochtans heb ik in het verleden heel vaak Nederland gefrequenteerd, voornamelijk om professionele redenen maar ook op de bonnefooi met fiets, wandelschoenen en tent. Maar nooit Sweet Lake City dus, de intrigerende benaming die Dian van Gelder in haar uitnodigingsmail gebruikt.

Had ik al gezegd dat dicteeën bij uitstek een zomersport is? Inderdaad, zoals bovenmaats vaak het geval voor de BeNeDictees genieten we weeral voor de zoveelste keer van een hoogmediterraan temperatuurtje als we op zaterdag 26 mei 2018 aan het gezellige restaurant Happy Moose arriveren. Echtgenote Mireille heeft na een uitgebreide voorafgaandelijke research haar fiets meegebracht en peddelt onmiddellijk met een verrekijker richting het natuurgebied met de moeilijke spelling Noord Aa. Zij gaat op zoek naar zo veel mogelijk verschillende vogels, ik naar zo weinig mogelijk schrijffouten. Zij geniet in de zon, ik ga zwoegen op de eerste etage. Doemetoch – toch de verkeerde hobby gekozen?

Medemasochisten
De dicteevrienden genieten al van hun welkomstdrank en ontbijt als ik met Bert Jansen puffend de trap naar de Rietzoomzaal bestijg. Er zijn in totaal naast mezelf tien medemasochisten aanwezig: gastvrouw Dian van Gelder, Annemarie Braakman-Ven, Leni Lagerberg, Lizi van Vollenhoven, Bert Jansen, Jeroen van Heemskerck Düker, Jozef Lamberts, Rein Leentfaar en Rien Wisse. En – tada, tromgeroffel, klaroengeschal – Joost Verheyen!!! Amai, de strafste speller van het westelijk halfrond is aanwezig. En bij uitbreiding ook van het oostelijk halfrond. Een hele eer voor de BeNeDicteeCommunity. Van zodra zijn inschrijving bekend werd gemaakt heeft Rien zelfs zijn hele dictee herschreven (zie verder) …

Dian, die uitgebreid reclame maakte op diverse fora, had gezien de ruime locatie op nog meer volk gehoopt. Oorspronkelijk hadden zich in Joosts zog trouwens nog twee andere Limburgse specialisten ingeschreven, maar die zegden dan weer in extremis af. Maar het moet gezegd: hoeveel dictees vinden er per jaar plaats waar meer dan elf dicteetijgers aan deelnemen? Enkele komen in 2018 heel voorzichtig bijna in de buurt: het Hautekietdictee, Sluis, Terneuzen, Oudewater, … Maar méér? Neen, BeNeZoetermeer is op dat gebied een absolute topper.

Aalsmeer 2017

Dian van Gelder in Aalsmeer (2017). Foto: Huib Boogert

Powerpoint
Het uitzicht vanop het balkon is groots: water, riet, meerkoeten en futen. En hikende en bikende bezoekers. Maar er moet gepresteerd worden. Dicteeën, weet je wel. De immer enthousiaste Dian komt evenwel verrassend uit de hoek. We beginnen immers met een … powerpointpresentatie over Zoetermeer. Ongemeen schitterend, zeker voor deze onwetende Vlaming. Zoetermeer blijkt veel groter dan gedacht, 125.000 inwoners, wauw (hier spreekt natuurlijk wel een inwoner van – of all places – Opwijk). Eigenlijk een uit de voegen gebarsten groeikern. Ongelooflijk, met alle voorzieningen: een metro, een skistation, een golfbaan, … En nu dus ook een dicteewedstrijd. Een dubbele dan nog.

We trappen af met een dictee geschreven door Lizi van Vollenhoven, een knotsgek en humoristisch verhaal onder de titel Boontje komt om zijn loontje. Daarin heeft de louche figuur Appie W. het plan opgevat om een sterrenrestaurant annex zwartgeldwitwasserij te starten – de koddige Kwartel – en tegelijkertijd zijn overbuurman en rivaal op haute-cuisinegebied uit te schakelen – de gepluimde Patrijs. Daarvoor schakelt hij twee straatschoffies in. De eerste moet vijftienhonderd cicaden en vijftig muizen loslaten in de frigidaireruimte van zijn overbuur, de tweede enterotoxineproducerende E. colibacteriën door de hors-d’oeuvre van de gepluimde Patrijs mengen om de gasten een langdurige gastro-enteritis te bezorgen. Ondertussen vindt de grande opening plaats van zijn eigen restaurant, waar gourmands, journalisten en de Amsterdamse onderwereld op uitgenodigd worden op een veertiengangenamusediner.

Quokka en tafa
Natuurlijk loopt alles in het honderd. De twee vergissen zich in de uithangborden – ze kunnen immers nog geen kwartel van een patrijs onderscheiden (en had het nu om een quokka versus een tafa had gegaan, dan konden we dat nog enigszins begrijpen) en droppen hun goedje in het verkeerde restaurant. Gevolg: een chaos vanjewelste, een schietpartij. Ik citeer:

De coquette trok hierop haar uzi onder haar vicuñawollen jas vandaan en begon in het wilde weg te schieten. De sterkedrankcontainers veranderden in evenzovele danaïdenvaten. Terwijl de journalisten driftig aantekeningen maakten, probeerde Appie zo veel mogelijk van de Chateau Montifaud te redden door onder een vat te gaan liggen en gewoon zijn mond open te houden. De via het C2000-systeem opgeroepen ME arresteerde onder het motto ‘eerst meppen, dan uitzoeken’ de hele bups en slingerde de goegemeente in het cachot. Naar het schijnt snakt Appie inmiddels naar de meest simpele McDonald’s-maaltijd.

Aalsmeer 2017

Lizi van Vollenhoven tijdens het Aalsmeers Dictee 2017. Foto: Huib Boogert

Kruudmoes
Nu nog foutloos neerpennen. Enige culinaire kennis van heb ik jou daar was alvast een pre: toastjes met coquilles Saint-Jacques, crème de chayote of aspic van casselerrib, creusetapas, petits-beurres met crème fouettée en cassata-ijs. En misschien past de koketterende oude taart eveneens in dat rijtje …
De volgende zin zal allicht ook wel nergens zonder rode markering gebleven zijn: Een loensende drinkebroer raakte geleidelijk aan sjikker door het teveel aan charoset en probeerde met hand en tand antroposofische homeopathie te propageren als panacee tegen alcoholgeïnduceerde malaise.

Maar het kan ook veel stommer: schrijf ik toch wel vicuñabollen in plaats van -wollen. Het woord dat evenwel het vaakst fout gaat is kruudmoes. Kruutwatte? Precies. Kruudmoes blijkt een oud Gelders en Overijssels gerecht te zijn, een stevige en voedende pap van gort, karnemelk, spek, rookworst, rozijnen en verse kruiden. Weer iets bijgeleerd. Lizi heeft alvast beloofd om het te serveren tijdens het BeNeDictee op 22 september in Voorburg!

Meisterstück
De uitslag is … een ex aequo. De super-Zeeuw Rein Leentfaar slaagt erin gelijke tred te houden met Meisterstück Joost Verheyen: vier fouten (op 69 invulplaatsen), op drie tellen gevolgd door Rien Wisse. Meteen verschanst Lizi zich op het balkon om ter plekke enkele shoot-outwoorden te bedenken, na gecheckt te hebben of beide protagonisten geen medische voorkennis hebben. Stafylokokkentonsillitis en cervixdysplasie gaan voor beiden goed, maar over de schrijfwijze van prosopagnosie twijfelt Rein net iets te lang zodat Joost tot winnaar wordt uitgeroepen.

Tijd voor het buffet, perfect klaargemaakt en opgediend door het restaurantpersoneel, en tijd om op het balkon ook wat van het fraaie weer te genieten. Even uitblazen vooraleer de gevreesde Rien Wisse – de winnaar van de competitie 2017 – aan de beurt komt. Die heeft zoals gezegd zijn hele dictee een facelift gegeven van zodra hij hoorde dat Joost zou deelnemen. En dat zullen we geweten hebben.

Lansingerland Rien Wisse

Rien Wisse (foto uit 2014)

Woordkunstenaar
Over het verhaal kan ik kort zijn. Een next best oplossing gaat over een vijfenzestigenhalfjarige man die naar een geriatrieaios (in Nederland: arts in opleiding tot specialist) gaat en doorverwezen wordt wegens een drankprobleem. Of toch ongeveer, want de tekst staat zo vol met onmogelijke woorden en woordcombinaties dat ik nog steeds de eigenlijke story tracht te achterhalen. Rien is immers een grandioze woordkunstenaar die, net als bijvoorbeeld Marc de Smit in Terneuzen, iedereen voortdurend op het verkeerde been zet met ingenieus in elkaar geknutselde combinaties van klanken, grammaticale constructies en woordlookalikes. Alleen gaat Marc daar spaarzamer mee om, terwijl Rien onze hersenen om de haverklap bombardeert.

Enkele afschrikwekkende voorbeelden: dementia-praesenilissymptomen, gaazspecialist, zo vol als mut, méritoire geëdite teasestrip (en geen T-strip), meatspace (niet een meetspace of ontmoetingsruimte maar de fysieke wereld), widescreen (oeps, geen whitescreen), het gele snavelhauwtje, een toetoeppak (ik maak er een tutupak van), wat tanorexia-achtig, beresterk van inhout (!), de band dEUS, ge schiept te veel, ik ben uit de ket maar niet wous (waar heeft-ie het in ’s hemelsnaam over …), pek- of alantswijn (neen, geen peccovalantswijn of wat dan ook). Het al dan niet aan elkaar schrijven of streepjes zetten passeert eveneens de revue: de next best oplossing uiteraard, maar ook een prima de luxe stemming, de baard van Mozes, een so easy’tje, een net-nietspecialist, een standalonescrollwieltje, boe roepen, begijne maken, terwijl we bijeenwaren, …

En dan is er nog de spitstechnologie: declassee, vrouwelijk omdat het gevolgd wordt door het woordje wier. Trakteerden, want het is souschef et al. (en anderen). Ja, jongens, amai mijn voeten. En de rest zijn gewoon … moeilijke woorden: covaartest, rantte, beb, schroodbeitel, dik van zoute – ik kan zo nog een tijdje doorgaan.

Een kokmeeuw. Foto: Diliff (Wikimedia)

Een kokmeeuw. Foto: Diliff (Wikimedia)

Kokmeeuw
Het gaat allemaal wat boven mijn petje. Er moeten in totaal maar liefst bijna 30 procent van de gedicteerde woorden worden opgeschreven (106 van de 347 woorden). Dat geeft een onoverzichtelijk invulblad, vooral daar er gewoon blanco’s staan waar een woord- of woordgroep moet ingevuld worden, en dan nog vaak enkele naast elkaar. Bovendien ligt het dicteertempo bijzonder hoog, combineert Rien regelmatig verschillende woorden in één woordgroep en is er veel te weinig tijd om na te denken over al deze complexe hersenpuzzels. En voor Vlamingen komen daar dan nog eens wat extra fouten bij door de afwijkende Hollandse uitspraak (‘regiolect’, om Bert Jansen te parafraseren). Dat laatste, tja uitwedstrijd, ieder zijn beurt.

Sorry Rien, op het einde heb ik er al helemaal geen zin meer in. Ik leg mijn pen neer en zie hoe een kokmeeuw op het balkon neerstrijkt. Ik zet een vogelstreepje bij op mijn blad … Na afloop blijkt dat Rien niet doorheeft dat het toch wel afschuwelijk moeilijk is. ‘Tja, al die woorden staan gewoon in mijn Lijst’, klinkt het laconiek.

Messi en Ronaldo
Van de 66 invulgroepen schrijft zelfs winnaar Joost er uiteindelijk 21 fout (zowat een derde van alle woorden – dat overkwam hem allicht nog nooit), en enkel Rein (28) en uw nederige dienaar (31) halen nog net iets meer dan de helft. Gemiddeld worden er door de deelnemers uiteindelijk twee derde (!!) van de woorden en woordgroepen fout geschreven, allicht een absoluut nieuw record aller tijden voor een invuldictee. En dus kan ik toch nog met een goed gevoel naar huis: nu kan niemand meer zeggen hoe affreus moeilijk Opwijk 2017 (de vorige recordhouder) was …

Het is in het verleden al meermaals door een aantal deelnemers en verslaggevers vermeld: leggen we de lat nu niet veel te hoog? Willen we dat enkel nog Messi en Ronaldo aan de BeNeDictees deelnemen of mikken we breder? Ik kreeg begin dit jaar verschillende antwoorden van uitgenodigden dat ze het toch wel echt veel te moeilijk vinden en daarom passen voor de BeNeDictees. En de aankondiging op dictees.nl hielp ook niet echt: ‘competitie voor de ambitieuze dicteehobbyist’. Tijd voor wat bezinning? Het dictee van Lizi (gemiddeld een vijfde fout) was wat mij betreft een goed streefdoel.

Het terras van de Happy Moose in Zoetermeer

Het terras van de Happy Moose in Zoetermeer

Après-dictee
Bovendien zorgt dat ook voor een rangschikking op basis van appelen en peren. Volgend jaar dus allicht te schrappen. Wat er ook van zij: Rein verovert de virtuele gele trui, terwijl Nederland de leidersplaats in het landenklassement nog verstevigt.

Het moet gezegd: Dian heeft op een creatieve en toffe wijze het woonkamerconcept breed geïnterpreteerd. En ook de organisatie was perfect. Maar persoonlijk verkies ik toch altijd wel de intimistische en gezellige sfeer van de echte huiskamer. Maar ik heb geen recht van spreken, want ik mis natuurlijk wel het belangrijkste onderdeel: het après-dictee. Om privéredenen moet ik er vandoor, terwijl het gezelschap plaatsneemt op een schaduwrijke plek op het terras van de Happy Moose. Voor verdere verslaggeving hierover verwijs ik jullie dus graag door naar de andere deelnemers.

O ja, Mireille heeft meer gevederde vrienden gespot dan ik fouten heb geschreven. Maar of dat iets zegt over mijn orthografische kwaliteiten dan wel over haar ornithologische kennis laat ik even in het midden …

Verbale acrobatiek van Vlaamse virtuoos

Opwijk 2018

De deelnemers voelden zich direct welkom in Opwijk.

door Bert Jansen  |  foto’s: Mireille Camps

Opwijk heeft nooit op mijn bucketlist gestaan. Zaterdag 9 mei was ik er dan ook voor het eerst. Je kunt niet zeggen dat deze vlek in de provincie bezwijkt onder de cultuurtoeristen, en ook het voorzieningenniveau gaf geen aanleiding tot applaus; zelfs een eenvoudige bloemisterij ontbrak in de Vlaams-Brabantse negorij, waar ik voor mijn gastvrouw een royale ruiker wilde aanschaffen. Noodgedrongen stelde ik mij dan ook maar tevreden met een paar cornetjes bonbons van de lokale Spar. Ondermaats, gezien de traktaties die mij later ten deel zouden vallen.

Aan de brievenbus van nummer 46 van Grootveld – de plaats van handeling – hing een briefje waarin de bezoekers aan het BeNeDictee (in alfabetische volgorde) welkom werden geheten. In de tuin met nauwgezet gemanicuurd gazon hadden de ambulante lexicofielen zich verenigd rond de uitnodigende ontbijttafel.

Opwijk 2018

De Zeeuwse afgevaardigde maakte er het beste van.

Reprise
Aan de ongedwongen kout maakte Herman alras een eind door ons uit te nodigen in zijn tot dictee(r)kamer getransformeerde salon. Eenieder van ons herinnerde zich nog het verbale geweld dat de Opwijkse woordacrobaat verleden jaar over zijn publiek uitstortte. Stond de dicteetijgers een reprise van die massacre te wachten? Met deze brandende vraag op de lippen liep menigeen de huiskamer binnen.
Herman, soeverein gezeten achter zijn lezenaar, declameerde zijn verhaal beschaafd, maar met licht regionale tongval die de Hollanders een enkele keer op het verkeerde been zette. Maar ja, de tijd dat de Vlamingen zich spiegelden aan de taal van het Noorden ligt definitief in het verleden. De strakke uitspraaknormen van weleer, toen Nederlanders ontboden werden om de Vlamingen te onderwijzen, zijn voltooid verleden tijd. Gelukkig maar. Nu hoeft men zijn afkomst niet meer te maskeren en mag men zijn taal kruiden met zijn eigen regiolect.

Opwijk 2018

De gezusters Ribbens (wit en blauw), Lizi van Vollenhoven en Herman Killens

Buitenaards
Evenals vorig jaar was ook dit jaar weer een buitenaards wezen de protagonist in zijn verhaal. En opnieuw vond hij inspiratie in zijn eigen streek. Was het verleden jaar Xavier die de hoofdrol speelde, deze keer was die rol weggelegd voor Antonius Rochus, een djinn uit het rijke geslacht van Spiritus.
‘Een geestige vertelling’, zoals Hermans verhaal luidde, voert ons naar de maïslanderijen in Droeshout, waar wij kennismaken met de verstokte vrijgezel Marcel. Verrassend genoeg hunkert Marcel – hoe verstokt hij ook is in zijn celibataire bestaan – er wél naar zijn metaforische postzegelverzameling te laten zien aan een schaars geklede schoonheid.  Hermans ongebreidelde fantasie laat daarop een geest (de eerdergenoemde djinn) uit een fles wijn ontsnappen. Deze staat Marcel toe drie wensen uit te spreken, geheel volgens artikel 72 van de Universele Geestenwet. De djinn had er een verre reis voor over gehad: eerst met de Vliegende Hollander, en vervolgens tjoeketjoeke met de couponnetjestrein naar het Groothertogdom Luxemburg. En dan nog à cheval op een kribbebijter. Een geheimzinnige truc met het getal van Avogrado was wel een conditio sine qua non om deze reis te volbrengen.
Voordat Marcel to the point kan komen, weidt de djinn nog uit over zijn familie: ‘Zo was mijn betovergrootvader een bekende ghostwriter, was mijn grammeer een parttimewicca (inderdaad een echte heks) en heeft mijn tante nu nog steeds een bloeiende toverstokjesshop-in-shop in Tadzjikistan. En o ja, mijn broer is percussionist in de skiffleband The Ghostbusters.’

Opwijk 2018

Smullen in de riante tuin te Opwijk.

Smakelijk en elegant
Daarmee was er een eind gekomen aan het eerste deel van de geestige vertelling. Een heuse cliffhanger! Tijd voor de lekkernijen uit de keuken van Mireille. Het was natuurlijk al wijd en zijd bekend: Mireille weet niet alleen haar plaats achter de camera, maar ook achter het fornuis. Zij had haar dicteegasten prachtige quiches, salades en toetjes voorgetoverd. Alles even smakelijk en elegant. Ook met vege-, pesco-, flexi- en andere tariërs was rekening gehouden. Zelfs de glutenvrijen kwamen in huize Camps aan hun culinaire trekken. Alles licht en vrolijk als een menuet van Boccherini. Gecorseerde wijnen en spannende lokale biertjes accompagneerden het gastmaal. Niets verbindt meer dan een dicteetje en de gezamenlijke maaltijd!

Na de lunch aan de rand van het zwembad werden ons dan eindelijk de drie wensen van Marcel gereveleerd. Zijn primaire wens – verstokte vrijgezel of niet – is een moordgriet. Natuurlijk geen nextdoor meisje of flapmadam. Zij verschijnt (bijna) subiet na een magische spreuk. Een paar van haar fysieke kwaliteiten: bevallige gazelleogen, blonde lokken, mollige wangen, een poederzachte huid, perfecte curvelijnen, superdecolleté, lange slanke antilopebenen. Voorwaar een beeld waarvan zelfs een rasgynofoob van zijn geloof zou vallen! Helaas blijkt Birgitte – haar naam, zoals de djinn verduidelijkt – ook wat minder fraaie trekjes in huis te hebben: ze blijkt een moeial, een dikke zaag en een bazig être. Ze wil dat Marcel zijn interieur – de hele sitsenwinkel, bric-à-brac en santepetie – duchtig onder handen neemt. Zelfs het gyproc plafond moet eraan geloven! Vervolgens dreigt ze ook nog dat haar moeder – een echte helleveeg – een week komt logeren.

Opwijk 2018

Elsie-Leen Ribbens, eerste helft

Via de E40
Nadat Birgitte ook nog zijn kredietkaart en autosleutels van tafel gegrist had, is voor Marcel de maat vol: hij wil van ‘dat serpent, d-d-die karonje’ verlost worden. Ook die tweede wens ging in vervulling. Misschien niet geheel volgens het boekje, maar toch … Nadat alle QL-lampen tegelijk aan- en weer uitgefloept waren, was Birgitte van de aardbodem verdwenen.

Zijn derde wens is klip-en-klaar: hij wil een grote schat met goud, zilver, briljanten, robijnen en smaragden. Zijn wens wordt weer zonder mankeren verhoord. Helaas echter niet zoals hem voor ogen stond. Nee, Marcels cyberbabe keert terug, behangen met gouden en zilveren sieraden, briljanten, robijnen en smaragden. De geest verdwijnt direct daarop met een niet-meetbare snelheid via Leireken en de E40 richting kust … Op weg naar een volgende tevreden klant.

Pastophoria
Om ex aequo’s uit te sluiten had Herman al op voorhand twee shoot-outzinnen voorgelezen, voor elk onderdeel een. Ze luidden als volgt: In de Byzantijnse absidiool, onder de apsiskalot en de imposante pantocrator en naast de pastophoria (die – dat is algemeen bekend – uit de prothesis en het diakonion bestaat), tekende Kepler een wiskundige abscis die de apsiden, de uiteinden van de planeetbaan, ap- en perihelium, approximatief weergaf. En: Chips!, tjiepte de met blue chips rijk geworden chief whip naar zijn hiphopchickie toen hij vanaf de teepeg een makkelijke chipshot miste tijdens de pitch-and-putt. Het lijkt mij niet al te boud te veronderstellen dat een toevallige passant direct een psychiater met spanlaken naar Hermans woonst zou ontbieden als hij deze zinnen had horen ventileren.

Opwijk 2018

Joost Verheijen en Gertjan Roels

Grand moment de gloire
De vraag stellen of Hermans dictee de reis waard was, is van dezelfde orde als de vraag ‘is de paus katholiek?’ Hebben we met Herman immers niet te doen met een gebrevetteerd schrijver, die nog maar zeer onlangs de Schrijfdag in Gent gewonnen heeft? Hijzelf noemde – in zijn bescheidenheid – zijn pennenvrucht een ‘petit moment de gloire’, maar wat mij betreft, beleefde hij met het tweede door hem geschreven BeNeDictee zijn ‘grand moment de gloire’.
Bij eerste lezing leek het een kinderlijk eenvoudig dictee. Maar – corpo di bacco! – wat zat het vol met wolfijzers en schietgeweren! Het begon al in de eerste alinea, waar gerept wordt van een boerderetje. Bij menige dicteetijger doemde direct de fermette op … en de twijfel sloeg toe. Zelfs een oud-winnares van het Groot Dictee der Nederlandse Taal ging hier in de fout en schreef boerderetteje. Mijn tienjarige buurmeisje schreef het later desgevraagd in één keer goed, terwijl zij triomfantelijk ‘makkie’ riep. Datzelfde gebeurde met flapmadam. De muizenissen die eraan voorafgingen voordat – doemetoch! – … flabmadam op papier kwam. Opnieuw typische bewijzen dat een surplus aan kennis je parten kan spelen.

Opwijk 2018

Dicteebabe Annemarie Braakman-Ven

Doemetoch
Herman had in zijn dictee niet de ‘moeilijke’ woorden de hoofdrol laten spelen (alhoewel je woorden als wagyubief, kuffiyyah, oenochoë en encheridion niet zo gauw in een middelbareschoolopstel zult aantreffen), maar had het meer gezocht in het moeilijkste aspect van de Nederlandse spelling, te weten het al dan niet aaneenschrijven. Ik telde er meer dan tien, zoals schaars geklede, zwaaralcoholische, fairy land, wijdverspreide, neverending, rood aangelopen en doemetoch, dat zelfs bij menige Vlaamse (Vlaming) als doeme toch geschreven werd. Overigens was niet alleen doemetoch van Belgisch-Nederlandse huize. Ik noem, onder andere: marcelleke, in een wip en een gauw, kine, nijg santepetie, gesjareld, gejost en camion. Maar nog geen begin van een klacht komt hierover over de lippen van deze Hollander. Integendeel, ik zal ze zo frequent mogelijk gebruiken en aldus trachten deze mooie woorden ingang te doen vinden in onze rijke – gemeenschappelijke! – taal.

De mooiste vondst? Ongetwijfeld deze op het eerste oog eenvoudige zinsnede: ‘… met schepen als – daar wil ik vanaf zijn – de Oost-, West-, noord- of Straatvaarder …’

Opwijk 2018

Tableau de la troupe

Van jonge jan en lange jan
Het wordt nu tijd de balans op te maken. De schade bleef in zoverre beperkt dat iedereen, de hekkensluiter incluis, erin geslaagd was meer dan de helft van de in te vullen woorden foutloos op papier te krijgen. Nochtans kregen de meesten van ons flink van jonge jan en van lange jan.
De eerste vijf plaatsen werden ingenomen door: Joost Verheyen (16 fouten), Rien Wisse (24 fouten), Elsie Ribbens (27 fouten), Rein Leentfaar (29 fouten) en Leen Ribbens (30 fouten). Gertjan Roels verraste met 40 fouten, waarmee hij een verdienstelijke middenpositie innam. Annemarie Braakman en ondergetekende eindigden met 52 fouten op een gedeelde zevende plaats. De rode lantaarns waren voor Lizi van Vollenhoven (53 fouten), Jozef Lamberts (56 fouten) en Dian van Gelder (59 fouten).
Winnaar Joost – in dicteekringen bekend onder zijn epitheton ornans ‘de kannibaal uit Paal’ – bleek nog niets van zijn vroegere glans verloren te hebben. De facile princeps nam minzaam lachend, als een boer die een hoefijzer vindt, zijn prijs in ontvangst.

Het Opwijkse BeNeDictee was het laatste dictee van het seizoen 2017-2018. Met recht een apotheose. Mocht de dicteeluwe periode heftige onthoudingsverschijnselen oproepen, dan raad ik aan contact te zoeken met de Stichting Korrelatie voor opvang en nazorg.

Vooruit, een kort dictee

Dicteetijgers saan het werk in Gent

Dicteetijgers saan het werk in Gent

door Herman Killens  |  foto’s: Giséla Dheedene en Mickey Verbeeck

Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen: ik heb een literaire prijs gewonnen. ‘De Nobelprijs?’, hoor ik u met oprechte interesse vragen. Ah, u ziet dus een Bob Dylan in mij. Terecht, want ik kan ook niet zingen.* Het antwoord is evenwel ontkennend, en ook de Prijs der Nederlandse Letteren, de Gouden Boekenuil en de Libris komen vooralsnog niet mijn richting uit. Ik merk het, ik heb u helemaal nieuwsgierig gemaakt. Ik zal het maar snel verklappen: de Schrijf Mee-trofee. Huh, de wat? Maar ach, u blijft beleefd belangstelling veinzen: ‘En is dat dan voor uw volledige oeuvre, of heeft u een nieuwe roman uit, een essay,  of een column misschien?’ Er verschijnt een lichte blos op mijn wangen: ‘Wel euh … eigenlijk maar voor één enkele zin’. Altijd klein beginnen, zei mijn grootmoeder.

Vekeman bis
Al voor de elfde keer (de tien vorige keren heb ik dus zitten suffen) organiseerden Creatief Schrijven vzw en de Stad Gent op zaterdag 2 juni een Schrijfdag in de Arteveldestad, een Festival van het Geschreven Woord. Een dagvullend programma met een hele reeks ronkende namen (tienduizendpoot Herman Brusselmans en singer-songwriter Hannelore Bedert bijvoorbeeld) en met workshops, lezingen, infosessies, speedcoachingsessies en pitches bij uitgevers. En met weken vooraf een wedstrijd: vul een verhaal van bekende schrijvers aan met een eigen topvervolgzin.

Ik was dan ook heel erg verrast en blij dat mijn, nu ja, creatieve creatie door Peter Verhelst – jawel, vanaf nu mijn favoriete auteur – opgepikt werd. Of ik mijn prijs kon komen afhalen tijdens een slotshow op de Schrijfdag? En in een enkele moeite werd ik dan maar meteen voor de hele dag uitgenodigd inclusief – belangrijk voor de Belg in mij – de afsluitende receptie in de Gentse Vooruit (nu de bekende cultuurtempel, vroeger het socialistische bolwerk).

Even bladeren in het programma. Helaba, blijkt er tussen die sessies zowaar ook een ‘Spoedcursus spelling’ (door Valerie Eyckmans) en – nu komt het, tada**– een Kort Dictee der Nederlandse Taal plaats te vinden! Enne, de schrijver van dat dictee is oude bekende Christophe Vekeman. Zoals hij zelf aangeeft bij de start van het dictee: schrijver van 15 romans en 2 dictees. Bij dat vorige dictee (het Hautekietdictee in de Brusselse Senaat – zie het sublieme verslag van Bert Jansen – kreeg hij de smaak van het dicteeschrijven te pakken. Bovendien won hij ooit het Groot tv-dictee, weliswaar bij de prominenten. En in 2015 las hij een dictee van Randy van Halen voor op de campus van de KU Leuven te Brussel.

Zoals gewoonlijk had dicteetijger Rein L. het evenement goed verborgen weten te houden voor zijn concurrenten uit Nederland.

Zoals gewoonlijk had dicteetijger Rein L. het evenement goed verborgen weten te houden voor zijn concurrenten uit Nederland.

Een lang Kort Dictee
Na een ochtendcursus reisliteratuur arriveer ik precies op tijd in de zaal … ‘De Laatkomer’ in het futuristische bibliotheekgebouw De Krook (een ‘krook’ is een bocht in de Schelde). De belangstelling voor het dictee is niet bijzonder groot – zeker al niet in verhouding tot de druk bijgewoonde sessies in de andere zalen. Maar de kwaliteit is er wel: de masters of spelling Christiane Adams, Raf Coppens en Rein Leentfaar zitten op de voorste rijen al met pen en papier klaar voor de strijd.

In Gent zien ze het dus mini. Na het jaarlijkse Klein Dictee (in het gezellige café de Hotsy Totsy) nu het Kort Dictee.*** Alhoewel. ‘Het is wat uit de hand gelopen’, excuseert Christophe zich niet zonder ironie, ‘het Kort Dictee is uiteindelijk langer uitgevallen dan het Groot Dictee.’ Het dictee is volgens hem ook een mijlpaal: voor de allereerste keer in de geschiedenis van de mensheid vindt er een Kort Dictee der Nederlandse Taal plaats! Christophe voegt er nog aan toe dat hij enkel in Van Dale heeft gekeken; het Groene Boekje wordt voor een dag aan de kant geschoven. En VRT-taalgoeroe Ruud Hendrickx heeft de tekst helemaal nagekeken. Verzet is dus bij voorbaat overbodig, of het zou uit de buurzaal De Twistappel moeten komen.

Ollekebolleke knol
Straks om 14 uur moeten we het lokaal uit om plaats te maken voor een volgende sessie. Christophe Vekeman, zoals gewoonlijk met puntschoenen en cowboyhoed, zet er dan ook meteen een flinke vaart achter, waarbij hij de wanhopige blikken en de schrijfkramp van de deelnemers met enig leedvermaak negeert. Het typisch spitsvondige gedachtespinsel en taalspielerei van Vekeman draagt de titel Ik ben een zielenpiet. Die ik-figuur klaagt dat het met hem van kwaad naar erger gaat sinds zijn geestesdokter – geen lacaniaanse psychoanalyticus maar een gestalttherapeut – ten prooi gevallen is aan een burn-out. Dat ‘kwaad’ betekent dan drie glazen rioja met szechuanpeper nuttigen voor ontbijt, gevolgd door een combinatie van falafel, pâté de foie gras en pateekes om te ontnuchteren, terwijl het ‘erger’ inhoudt dat hij lapalissades op volleborstvolume declameert als reactie op de pokkenherrie van stonerrock uit StuBru dat uit de boxen van de buren komt gebast.

Een fraaie tekst, maar echt supermoeilijk is die niet voor de aanwezige tijgers. Al moet ik wel bekennen dat ik bijvoorbeeld nog nooit van lacaniaans, patjakkers, prolurken en spetsnel had gehoord. En vast niet iedereen zal het fantastische aftelrijmpje ‘Ollekebolleke, rubisolleke, ollekebolleke knol’ foutloos hebben neergepend. O ja, of we even ons gsm-nummer op het opgavenblad willen noteren?

Auteur, BV en dictee-expert Christophe Vekeman

Auteur, BV en dictee-expert Christophe Vekeman

Petit moment de gloire
Om kwart over drie komt op een terrasje op de Graslei de verlossende sms. Bingo! Achteraf blijkt weer eens te meer hoe spannend het was: 1. Herman 3 f, 2. Christiane 4 f, 3. Rein 5 f, 4. Raf 7 f. Je komt in Vlaanderen wel vaker dezelfde namen tegen, aangevuld met onder meer Gentenaar Frans Van Besien (deze keer verhinderd), maar steeds in wisselende volgorde. O ja, de volgende deelnemer in de rangschikking had 15 rode streepjes.

De slotshow in de bomvolle Theaterzaal is verbluffend: vooral Tom Lanoye maakt indruk met een geweldige voorleessessie, inclusief begeleidende muziek, uit zijn recente roman Zuivering. Of hoe hij het publiek magistraal in de ban houdt met een verhaal over een haan en een stotteraar. En ook het optreden van de Zuid-Afrikaanse zanger-gitarist Stefan Dixon zorgt voor een emomoment. Hij brengt enkele intimistische songs, waaronder een Afrikaanstalige versie van het nummer Mia van de drie jaar geleden overleden Gentse publiekslieveling Luc De Vos. Super!

Kleine zin en kort dictee, dus dan is mijn petit moment de gloire aangebroken: vlak na Christophe Vekeman en Tom Lanoye mag ik het podium op om twee keer gehuldigd te worden. Tussen de stapels prijzen ontdek ik mijn door Christophe gesigneerde en ingelijste dictee. Die trofee krijgt gegarandeerd een prominent plaatsje thuis. En driewerf hoera … mijn fouten staan aan de achterkant.

*   Voor een goed begrip, ik ben een grote fan van good old Bob
**  In april 2018 voorlopig toegevoegd aan Van Dale
*** Tijdens de slotsessie werd het dan toch weer tot Klein Dictee omgetoverd …

Mannen overtuigen bij Utrechts Studentendictee

Utrecht 2018

Jaron van den Berg

door Maaike Hamming  |  Foto’s: DUB

Jaron van den Berg, student sociale wetenschappen, is met slechts tien fouten de duidelijke winnaar van het vijfde Utrechts Studentendictee. Uit handen van presentatrice Sofie van den Enk ontving hij een cheque van 500 euro.

Het dictee is een initiatief van Taleninstituut Babel, in samenwerking met DUB (Universiteit Utrecht) en Trajectum (Hogeschool Utrecht). Een recordaantal deelnemers kwam donderdagavond 3 mei bijeen in de aula van het Academiegebouw aan het Domplein in Utrecht; maar liefst 101 studenten namen deel. Redenen om mee te doen liepen uiteen van een weddenschap tot aan ‘intellectueel masochisme’. Juryvoorzitter en schrijver van het dictee Peter J. van Dijk gaf vooraf aan dat het een uitdaging is elk jaar én een moeilijk dictee (“je wilt geen zeven winnaars”) én een verhaal met een moraal te schrijven. “Maar het is ook dit jaar weer gelukt,” verzekerde hij de aanwezige studenten.

Eigen ervaring
De studenten streden niet alleen tegen elkaar, maar ook tegen zeven prominenten van de Universiteit Utrecht en de Hogeschool Utrecht. Het dictee werd dit jaar voorgelezen door presentatrice en programmamaakster Sofie van den Enk. In 2014 deed zij zelf mee aan het Groot Dictee der Nederlandse Taal. Uit eigen ervaring tipte zij nog snel voor het begin: “Je moet verrassend veel aan elkaar schrijven!”. Van den Enk las het dictee met aandacht, plezier en humor voor. Bij de eerste zin ging een golf van verontwaardiging door zaal; de toon was gezet. Af en toe werd er gelachen, maar het was voornamelijk muisstil in het Academiegebouw. Woorden als in-vitrogametogenese en belle époque eisten dan ook de volle aandacht van de driftig pennende zaal.

Utrecht 2018

Sofie van den Enk dicteert het Utrechts Studentendictee

Mannen
De beste speller van de avond maakte indruk. Jaron van den Berg won met slechts tien fouten, terwijl het gemiddelde 32 fouten bedroeg. De nummer twee van vorig jaar, Ben Kapitein, deed voor de derde keer mee, en werd wederom tweede met 16 fouten. De top drie bestond dit jaar voor het eerst uitsluitend uit mannelijke studenten. Tialda Sikkema (docent schrijfvaardigheid bij het Instituut voor Recht) was met 23 fouten de winnaar onder de prominenten. Gemiddeld scoorden de studenten beter dan de prominenten. De universitaire studenten maakten gemiddeld 32 fouten, de prominenten 34. Hogeschoolstudenten bleven wat achter met een gemiddelde score van 44 fouten. Dit jaar bleven de mannen de vrouwen net voor met een gemiddelde score van 31 tegen 33. Diergeneeskunde was met een gemiddelde van slechts 19 fouten de best scorende faculteit.

De woorden die vaak verkeerd geschreven werden, waren: degoutant (wansmakelijk) en litecoin. De nakijkers zagen dat veel deelnemers ‘degoutant’ hadden veranderd in ‘debutant’. Litecoin werd daarnaast door vrijwel iedereen als ‘lightcoin’ geschreven. Het slechtst gemaakte dictee bevatte 94 fouten.

Voor meer informatie en alle statistieken kunt u terecht op www.babel.nl/dictee of op de Facebookpagina.

Oudewaters dictee was goed te doen

Oudewater 2018

Aad Kuiper en Werner Joosten deelden de tweede prijs.

door Aad Kuiper  |  Foto’s: Huib Boogert

Zoals door de schrijvers toegezegd was het Oudewaters dictee 2018, georganiseerd door de plaatselijke Rotary, inderdaad goed te doen, maar toch nog lastig zat om het iedereen een beetje moeilijk te maken. Met 48 deelnemers en de nodige organisatoren en hulp was het gezellig druk in de Mariaschool en de opbrengst van ruim 700 euro voor een minibieb of boekenuitleenkastje mocht er dan ook zijn. Een welkome verrijking voor Oudewater, zeker voor liefhebbers van taal.

Voordat het officiële gedeelte begon was het een geroezemoes vanjewelste in de aula van de Mariaschool. Onder de deelnemers bleek zich een groot aantal ‘dicteetijgers’ te bevinden die regelmatig stad en land afreizen om dictees te maken; een bijzondere, maar wel heel leuke hobby. Bert Jansen – niet de dicteetijger, maar de voorzitter van de Rotary Oudewater – was blij met de grote opkomst. Acht teams hadden zich ingeschreven, waaronder twee ‘tijgerteams’. Piet Smits, voormalig directeur van de Mariaschool en ceremoniemeester, richtte zijn welkomstwoorden in het bijzonder tot de ‘dicteetijgers, die hij als als ‘landelijke coryfeeën’ omschreef en de jongste deelnemer, Jasmijn (9) en de oudste, mevrouw Kramer, van wie we de leeftijd niet zullen onthullen. Smits roemde de Facebookoefencampagne van de schrijvers van het dictee, Koos Splinter en Franka Melis en juryvoorzitter Han Bovens. Deze laatste leidde zijn taak op bijzonder ludieke wijze in, als een soort predictee. Sigrid Hooftman, Rotary, legde de spelregels uit.

Oudewater 2018

De jongste deelneemster: Jasmijn, negen jaar oud

Muisstil
En toen werd het muisstil. Marga Smits las het dictee, zoals nu al voor de vierde keer in het juiste tempo en met de goede intonatie voor. Lange tijd hoorde je niets dan voorlezen, want pennen krassen tegenwoordig niet meer. De dictees werden opgehaald en weer uitgedeeld, maar dan aan anderen en het gezamenlijk nakijken werd gestart. Hier en daar volgde, zoals altijd, enige discussie over de schrijfwijze van woorden, maar die werd steeds op prettige wijze gepareerd.
Vervolgens was het de beurt aan de jury om de hand te leggen aan de laatste correctieronde en de winnaars uit te zoeken, terwijl de deelnemers zich onder het genot van een glaasje konden ontspannen. Sigrid Hooftman maakte bekend dat het kleinste aantal fouten twee was, het grootste aantal 42 en dat het gemiddelde op 21 uitkwam. Inderdaad is ook dat laatste niets om je voor te schamen. Piet Smits bedankte iedereen en beaamde, samen met eerdergenoemde Bert Jansen, dat de schrijvers niets te veel hadden gezegd: het viel best mee!

Oudewater 2018

Jeroen van Heemskerck Düker is blij met zijn tweede zege in Oudewater

Uitslagen
‘Tijgerteam’ Ars recte scribendi, bestaande uit:

  • Jeroen van Heemskerck Düker, Naarden
  • Rien Wisse, Breda
  • Huib Boogert, Goes
  • Dian van Gelder, Zoetermeer
  • Frans Van Besien, Gent

Het team won met gemiddeld slechts 5 fouten per persoon en verdiende daarmee een fles wijn en een bootreisje met de lokale Geelbuik. Tweede in de tijgerklasse werd het team De Woordenaars. De teamleden scoorden met 5,3 fout gemiddeld net iets minder goed. Dit team bestond uit:

  • Bert Jansen, Bussum
  • Randy van Halen, Dordrecht
  • Pieter van Diepen, Leiden
  • Annemarie Braakman-Ven, Aalsmeer
  • Marissa van Vliet, Nederhorst den Berg
Oudewater 2018

Het winnende team ‘Taal is zeg maar echt ons ding'; rechts individueel winnares Nina Splinter

Lokaal won van de zes deelnemende teams Taal is zeg maar echt ons ding, met een gemiddelde van 14 fout. Individueel was de rangschikking in de tijgerklasse als volgt: ex aequo op 3 Huib Boogert en Bert Jansen (geen familie) (4 ft), op 2 Rien Wisse (3 ft) en op 1, net als vorig jaar, Jeroen van Heemskerck Düker.

Lokaal kwam op 3 Frances van Gool (11 ft), op 2 Werner Joosten (winnaar van het Woerdens Dictee 2016) en Aad Kuiper (wel dezelfde als de schrijver van dit stukje; 10 ft; en wat mijzelf betreft zaten daar ook nog wat behoorlijk stomme fouten bij!) en op 1 de lokale heldin Nina Splinter met slechts 9 fout.

Carnavaleske toestanden in Ojlst

Aalst 2018

Het ontvangstcomité in Aalst

door: Herman Killens  |  foto’s: HoGent campus Aalst – Handelsschool Aalst

Er zijn tegenwoordig nog weinig dictees in Vlaanderen maar als er al eens eentje plaatsvindt, zijn we paraat. Zeker als de dicteestad een buur is van mijn thuisdorp Opwijk (al behoren ze niet tot dezelfde provincie). Aalst – dat wordt in het plaatselijke dialect Ojlst of zoiets – kennen we vooral als ajuinenstad, van de schrijver Louis Paul Boon en van priester Daens, van het belfort en vooral van het zeer populaire jaarlijkse carnaval.

En binnenkort misschien ook van het dictee, georganiseerd door – dit is een dicteeopgave, jongens en meisjes – de Scholengroep 19 Dender en GO! De Handelsschool. Voor de presentaties van de dictees hebben ze zowaar verschillende BV’s aangetrokken: cabaretier Bert Kruismans, actrice Joke Devynck en journalist Bart Verhulst. En ook de prijzen zijn niet min. Bij de ‘vanaf 18-jarigen’ liggen er voor de top drie onder meer een rollerballpen van 400 euro, een horloge van 150 euro en een boekenpakket van 100 euro te wachten. Telkens aangevuld met een hele reeks andere chique prijzen. Het valt bijna niet te tillen. En daarnaast zijn er – logisch voor een Groot Dictee van de Scholengroep – ook nog drie jeugdcategorieën (tot 10 jaar, 10 tot 14 jaar en 14 tot 18 jaar) met al even sublieme cadeaus. Tien ‘troost’prijzen (nu ja: ice watches, boekenbons, …) vervolledigen de prijzentsunami. En ook de VRT komt filmen. Maar liefst 103 kinderen en 38 volwassenen melden zich aan.

Een topper, toch?

Aalst 2018

Fotosessie voor de wedstrijd in Aalst

Appeltje-eitje
Over de tekst voor de volwassenen kunnen we echter kort zijn. Die is (zo blijkt achteraf tijdens de nazit) een exacte kopie van het beginstuk van het Portaelsdictee in Vilvoorde van 24 november 2017, geschreven door Jan Deroover. Vreemd. Maar uiteraard wel een appeltje-eitje voor de meeste aanwezige toppers want die waren er toen ook … maar ja, niet iedereen. Ikzelf was toen bijvoorbeeld voor enkele weken in het buitenland. En ook Robert Joosen was er niet. Een dictee met twee snelheden.

Een afknapper, dus.

En de uitslag? Op nummer 1 Robert Joosen (3 fouten), op twee Herman Killens (4 fouten). Zo noteer ik het toch.

Voorkennis
Tja, zo werkt het niet. Die arme organisatoren hebben helemaal geen weet van die ruime voorkennis en klasseren Rein Leentfaar (zie de in november vorig jaar integrale geannoteerde tekst op zijn blog) als winnaar met ook drie streepjes en Frans Van Besien als derde met net als ik vier rode markeringen. Een beetje veel onrecht, hoor ik u zeggen? Inderdaad, en ik voel vooral veel plaatsvervangende schaamte. Het lijkt mij evident dat velen (onder wie ikzelf) in een identieke situatie hun onterechte podiumplaats en prijs zouden afgestaan hebben. Of eigenlijk gewoon niet zouden deelgenomen hebben (door hun opgavenblad niet in te leveren).

Quod non. Niet iedereen blijkt even integer te zijn. Het zij zo. Daarom: kan iemand mij al de teksten van Zoetermeer bezorgen … ?